Suikertante aangeboden neuken op de keukentafel

suikertante aangeboden neuken op de keukentafel

Vidios rubias dunia montenegro videos porno squirt xxx tetas maduras julia de porno follando de maduras cachondas videos follar en español sexo xxx porno porno francesas es.

con asiaticas folladas alanah rae japonesas xxx glory hole porn videos xx xxx tetas naturales viejas videos porno porn porno viejas videos caseros de maduras negros follando francheska jaimes ver videos porno amater madura embarazadas porno madre caliente hentai x videos porno gratis de trabestis porno chica xxx vídeos gratis sexo videos peludas follando videos porno alexis texas tetas grandes tetas naturales chicas sex anal cunnilingus videos sexo duro videos porno gratis follando silvie delux 18 porn hentai porno español videos de gordas sexo maduras x masajes porn hentai videos porno en hd porn bbw videos gratis en playas nudistas follando a su hija follando asiaticas folladas hentaies mujeres hermosas porno gratis xxx porno negro videos de lesbianas porno mujeres en hd videos porno extremo tias desnudas madre hija corrida anal video de gratis sexso gratis chicas desnudad hd videos porno es.

con travestis negras pornotube vídeos porno follando madres porno maduras follando maduras videos actrices x porno gratis video porno en español abuelas porno playa sexo sexotube chicas lesbianas petardas latinas folladas videos lesbicos gratis porno lesbico hombres desnudos vidios de gordas culonas latinas porn mujeres maduras tias corriendose a hombres follando porno masaje xxx tias con gorditas maduras porno lesbianas petardas asiaticas anal amateur viejos gordita follada por no comics porno gordas gratis porno de putas alexis texas desnudos porno erotico hombres masturbandose vieja tetona masturbandose maduras abuelas follando chocho mojado porno gratis xoxos peludos gratis tetona peliculas porno de coños peludos ver peliculas porno x porno pollas x-art videos gratis xxx rubias 19 videos de gordas alexis texas videos porno gratis porno mujeres videos porno americanas videos amateus transexual morenas pollas películas xxx videos porno de placer vidios porno rubias 19 actrices porno porno porno videos de mujeres maduras foyando haciendo el fontanero videos de coños peludos videos pornos sexo interracial chicas porn en grupo maduritas.

..

Geile bef gangbang alkmaar

Suikertante aangeboden neuken op de keukentafel

Na haar vertrek heb ik nooit meer enig levensteken van haar ontvangen". Die verliepen over het algemeen naar wederzijdse tevredenheid. Maar ze boden mij niet wat ik ten diepste zocht. Overal kreeg ik nul op rekest. Pas een half jaar na de oorlog hoorde ik wat er zich allemaal in de concentratiekampen had afgespeeld en moest ik aannemen dat ook zij daar haar eind heeft gevonden. Op dat moment verloor ik mijn vertrouwen in de mensheid".

Natuurlijk maakt iedereen het vaker mee dat vertrouwen wordt geschonden, maar dit speelde voor mij op een zeer diepe laag. Tijdens mijn leeranalyse stortte ik opeens bewusteloos neer en liet ik mijn verleden achter me. Al mijn sportmedailles en -bekers gaf ik vervolgens aan de vuilnisman mee en met mijn moeder heb ik daarna voorgoed gebroken. Ik heb haar nooit meer gesproken in de meer dan 40 jaar dat ze nog leefde. Uiteindelijk kwam ze in een gekkenhuis terecht".

Ik zei nog tegen hem dat dit volgens mij weinig zin had, maar bracht hem op zijn verzoek in mijn auto toch netjes naar het gesticht. Hij vroeg of ik met hem mee naar binnen wilde gaan, maar dat heb ik geweigerd. Hij zei alleen maar: Ik ben nog wel naar haar begrafenis gegaan, want voor de dood wijkt alles. De psychiater daar was een wijs en rustig man. Die leerde me al snel: Aanvaard nu maar dat de meesten zich gaandeweg bij wijze van spreken gewoon voor je ogen dood zullen zuipen. Daarom zette ik bij de opening van mijn praktijk een bord in mijn voortuin met daarop goed leesbaar: Meestal was het voldoende om te antwoorden, dat ik me richtte op mensen die de puberteit al achter de rug hadden en die er dus ergens al achter waren dat je niet al je verwachtingen, behoeften of doelstellingen uit je kindertijd voetstoots kunt waarmaken, maar die - net als elk weldenkend mens - nog wel met de nodige vragen zaten over hoe ze nu verder het best door het leven konden gaan".

Voor het gemak vergeten we dan na verloop van tijd, dat het daar nog steeds ligt te wachten tot we er definitief iets mee doen. Zo gaat dat ook vaak met frustrerende ervaringen die we nog niet hebben verwerkt.

We kennen allemaal de verleidelijke neiging om die opzij te schuiven en weg te drukken. Ook dan zijn we ons na een poosje er niet meer bewust van dat ze er nog wel altijd zijn". Onze frustraties stapelen zich daar dan zo op, dat ons onbewuste begint uit te puilen. Dit kan ons gedrag zo gaan verstoren, dat we minder doeltreffend reageren op situaties die van wezenlijk belang voor ons zijn. Dus maakte ik mijn bezoekers in het begin het terechte compliment, dat zij zich tot de weinige uitzonderingen mochten rekenen die daar niet zo maar genoegen mee namen.

Het kwam mij van pas, dat ik de taal van symbolen goed leerde verstaan. Daardoor kon ik met het onbewuste van anderen praten". Kennelijk wordt het voor u tijd om eens wat stevige prikken uit te gaan delen. En dan mag u nog blij zijn, dat het geen bij was. Want die raakt na een enkele prik meteen zijn angel kwijt. Dat is bij een wesp niet het geval.

Die kan blijven steken". Daar bleek die meneer echt vooruit mee te kunnen". Daar bestaat alleen maar een reële kans op wanneer die woorden tenminste bezield en doorleefd zijn. Mijn geloofwaardigheid en mijn effectiviteit stond of viel dus met de vraag in hoeverre ik erin mijn slaagde om mijn eigen overtuiging na te leven. Mijn werk en mijn leven vloeiden helemaal in elkaar over. Ik ben dankbaar, dat ik mij ook wat dat betreft in de voetstappen van Sigmund Freud en Carl Jung mocht voortbewegen.

Hen reken ik tot mijn giganten. In hun schaduw past mij slechts bescheidenheid. Beiden drukten een blijvend stempel op mij, al was het alleen maar omdat ze allebei de moed hadden om zich dwars tegen heersende opvattingen in te buigen over de vraag wat ons als mensen ten diepste beweegt".

Freud dook rechtlijnig op de kern af, Jung begon met grote omtrekkende bewegingen die hij steeds verder verkleinde tot er geen ontkomen meer aan zijn bevindingen was. Jung heb ikzelf nog mogen ontmoeten. In zijn voetsporen ben ik in mijn jongere jaren naar India gereisd en op een heuse expeditie naar de jungle van de Amazone geweest.

Later heb ik hier jarenlang twee katers in huis gehad. Ik heb het altijd als een groot voorrecht beschouwd dat je als mens het vermogen daartoe bij je geboorte in de schoot krijgt geworpen. Want het is dit vermogen, waarmee je je als mens wezenlijk van elk dier onderscheidt. Bij een beest blijft volwassen worden beperkt tot steeds meer van hetzelfde.

Net als elk dier wordt je ook als mens onder meer met instincten geboren. Dat zijn onmetelijke krachten die stuk voor stuk afzonderlijk worden gewekt door een prikkelende behoefte, van binnenuit dan wel van buitenaf. Hierbij gaat het telkens om een kortstondige impuls die onmiddellijk om bevrediging vraagt. Je ervaart het als een plezierige opwinding om daaraan toe te geven.

Die opwinding verdwijnt wanneer je aan de impuls hebt voldaan. Je draagt in jezelf dan ook een complete dierentuin met je mee op het moment dat je ter wereld komt.

Je wordt dus niet voor niets in je eerste levensfase een lekker diertje genoemd. Het beest in je is dan nog volledig de baas: Je kunt je op zijn hoogst aanleren hoe je ze in je voordeel kunt laten werken. Als mens begin je je pas van het dier te onderscheiden wanneer je het dierlijke in jezelf overwint en ontstijgt - niet omdat je dit van anderen moet, maar van binnenuit, helemaal uit jezelf. Je bent als mens pas volwassen wanneer je erin slaagt om je instincten aan banden te leggen, ze te dresseren en ze alleen nog maar uit te laten op momenten en manieren die jij zelf bepaalt.

Volwassen worden als mens houdt in dat je het beest de baas bent, of dat zich nu in jezelf roert of dat het de kop opsteekt in het gedrag van anderen. Ze zijn stuk voor stuk van een niets en niemand ontziende kracht. De geschiedenis laat legio voorbeelden zien van onmenselijke wreedheden die plaatsvonden als gevolg van hongersnood. En de aangeboren behoefte tot zelfbehoud meldt zich onmiskenbaar op het moment dat je je geboorte inzet door het veilige vlies vol moedervocht om je heen aan flarden te trappen.

De kuddegeest heeft nuttige zaken voortgebracht, maar kent ook een vernietigende kant. Een frappant voorbeeld daarvan heb ik altijd gevonden wat de verloskundige Ignaz Semmelweiz  in de 19 de eeuw overkwam". Hij liep zo tegen de heersende kuddegeest op, dat hij volstrekt ten einde raad een eind aan zijn leven maakte.

Ik had hier eens een meneer die in zijn puberteit een vast vriendinnetje had met wie hij het, naar eigen zeggen, vrijwel dagelijks met veel plezier en volle overgave deed. Hij was echter voor het meiske op de loop gegaan, nadat zij hem almaar nadrukkelijker te kennen begon te geven, dat ze perse een kind van hem wilde. Aan het vaderschap was ik in de verste verte nog niet toe", zei hij daarover. Nog geen twee maanden nadat zijn vriendin en hij uit elkaar waren, hoorde hij dat ze zwanger van een ander was geraakt.

Dat ervoer hij als een vorm verraad: Maar ik bleek voor haar volstrekt inwisselbaar. Kennelijk was zij uitsluitend uit op mijn zaad". Pas veel later kon die meneer aanvaarden, dat hij voortijdig bij dat meisje een kracht had gewekt die het individuele onmetelijk overstijgt. Mensen brengen elkaar aanzienlijk minder schade toe wanneer ze dit soort spelletjes weten uit te stellen tot ze daadwerkelijk samen aan een kind  toe zijn". Het begrip eeuwigheid vindt daarmee zijn oorsprong in het sexuele instinct.

De mannelijke sexualiteit is een scheppende kracht: De vrouwelijke sexualiteit is een reproducerende kracht: Vanuit dat perspectief is het niet zo verwonderlijk dat we later in ons leven, op momenten die we als bedreigend ervaren, diep van binnen sterk naar die plek terug kunnen blijven verlangen".

We spreken dan van hysterie. Die term verwijst naar het Griekse woord voor baarmoeder. En precies op dat vlak houdt het scheppingsverhaal uit het Oude Testament ons duidelijk een spiegel voor.

Hierin wordt de veiligheid van de baarmoeder vervat  in het beeld van het paradijs. Nadat Adam en Eva daaruit worden verjaagd, verschijnt er achter hen een engel met een vlammend zwaard. Diens boodschap is niet mis te verstaan: Het sexuele instinct is uitsluitend uit op het bevredigen van één enkele behoefte. Dat gaat telkens weer met een lichamelijke gewaarwording gepaard. Die neemt de vorm van opwinding aan.

Die opwinding kent weliswaar verschillende gradaties, maar zij blijft beperkt tot een streven naar meer van hetzelfde tot er een ontlading op volgt". Dat doet zich voor wanneer een gevoel tot een emotie uitgroeit. Maar dat is dan ook meteen de enige overeenkomst tussen sexualiteit en gevoel. In elk ander opzicht heeft seks niks van doen met gevoel. Dit beantwoordt aan het typisch kinderlijke verlangen naar een bestaan dat uitsluitend leuk, lollig en lekker is. Juist op dat vlak brengt het leven gaandeweg vanzelf de nodige frustraties met zich mee.

Een dier aanvaardt dit zonder meer als een onderdeel van zijn natuurlijke ontwikkeling. De mens is de enige diersoort waarvoor dit niet zo vanzelf spreekt: Dit verklaart waarom het alleen bij de mens voorkomt dat van het aangename neveneffect van de behoeftenbevrediging een op zichzelf staand einddoel wordt gemaakt".

Als gevolg daarvan  kunnen mensen verstrikt raken in een ziekelijke en onverzadigbare genotzucht. In kontakten met anderen zijn ze er dan eigenblijk alleen nog maar naar op zoek of ze sexueel wel voldoende lol met elkaar kunnen beleven.

Alleen als dat het geval is, willen ze eventueel ook nog wel eens na denken over een relatie. Zij gaan ze er volstrekte ten onrechte vanuit, dat een relatie pas echt een kans van slagen heeft zolang ze elkaar sexueel kunnen behagen. Dit bevordert dat iemand liederlijk het beest uit gaat hangen. Door je beestachtig te gedragen doe jezelf als mens schromelijk tekort en ook anderen die je daarin betrekt.

Ik heb hier nogal wat mensen getroffen die krampachtig, verbeten en overspannen op jacht waren naar die ene ultieme ervaring waarbij alles moest verbleken wat ze eerder hadden meegemaakt. In het verlengde daarvan stak dan vaak verslaving aan drank en drugs de kop op.

Al die vormen van ziekelijke genotzucht vergroten de kans dat kinderen niet in liefde worden verwekt, maar dat ze niet meer dan het gevolg van een lolletje zijn. Mij zag men niet vaak op feestelijke bijeenkomsten. Vrijwel iedereen loopt daar alleen maar mooi te doen. Dat is aan mij niet zo besteed. En nadat ik ooit tijdens een verjaardagspartijtje vertelde wat ik voor de kost deed, vroeg een kreukelig muurbloempje me wat het toch te betekenen had dat in haar dromen steeds weer wriemelende slangen de kop opstaken.

De gezelligheid had er danig onder geleden wanneer ik haar ten overstaan van iedereen naar waarheid zou hebben geantwoord dat ze onmiskenbaar een schreeuwende behoefte aan een levendige piemel had. Nee, dan die meneer die ik hier eens over de vloer kreeg. Met zo iemand kwam ik tenminste meteen in mijn kracht". Ik was daar niet zo vatbaar voor: Ze wilde dat graag met mij vieren en vroeg me of ze mij voor deze gelegenheid een kus op mijn beide wangen mocht geven.

Ik tekende daar geen bezwaar tegen aan. Voor alle zekerheid heb ik daarna toch maar weer meteen de nodige afstand tussen ons gecreëerd door haar, wellicht ten overvloede, te wijzen op wat zich voltrekt wanneer twee koeien tegen elkaar aan gaan staan wrijven.

Hun huid wordt dan alsmaar warmer en op het moment dat een bepaalde temperatuur overschreden wordt, vloeit daar vanzelf een gevecht uit voort. Alleen al vanuit die optiek kan het overstelpende aanbod aan porno via  internet niet echt als een zegen voor de mensheid worden beschouwd. Zelf weiger ik consequent om daar op mijn PC ook maar één blik op te slaan. Maar ook in ander opzicht krijgt niemand mij meer op de kast.

Elke vorm van opwinding, die de wereld te bieden heeft, liet ik al geruime tijd achter me. Daarmee zag ik mezelf voor de lastige, maar onontkoombare taak gesteld om me geen moment langer te verzetten tegen alles wat er aan dwangmatigheden op mijn pad kwam. Dit heeft er onder meer mee te maken dat er in de regel eenzijdig veel aandacht wordt besteed aan de verschillen tussen homo- en heterosexualiteit.

Hierdoor raakt nogal eens op de achtergrond dat die wel degelijk een gemeenschappelijke noemer hebben. Om een en ander boven tafel te krijgen, nodigde ik hem midden in een consult pardoes uit om eens een paar dagen bij mij te komen logeren in mijn vakantiehuisje. Aan zijn gezicht las ik af dat hij zich bijna verslikte van schrik. Daar hebben we allebei smakelijk om gelachen. Hierna kwam hij vanzelf meer los. Een meneer kreeg als jochie van 5 op een gegeven moment last van een klemmende voorhuid toen zijn piemeltje langs zijn onderboek schuurde.

Dat jeukte nogal en dit probeerde hij te verhelpen door eraan te krabben, maar daar werd het natuurlijk niet minder van. Al snel stond hij stokstijf van pijn te huilen en durfde hij geen stap meer te verzetten. Zo trof zijn moeder hem aan. Zij nam hem mee naar de huisarts en die besloot tot een kleine, maar niet minder pijnlijke besnijdenis. Hij gaf de moeder zalfje mee om de naweeën regelmatig te verzachten.

Na een paar dagen kon de moeder dat voorhuidje heen en weer schuiven zonder dat haar zoontje nog langer kermde. Dit kan traumatische gevolgen opleveren die vergelijkbaar zijn met die van een aanranding en verklaart waarom mensen ook op latere leeftijd op sexualiteit gefixeerd blijven. Op dat moment werd ze zich voor het eerst bewust hoe het andere geslacht letterlijk aanvoelde. Daar keek ze best even van op, maar de aardigheid zag ze er toen nog niet echt van in. Dus haalde ze er haar schouders over op en keerde ze dat nichtje en neefje de rug toe.

Maar bij tijd en wijle dacht ze er nog wel een beetje verdwaasd aan terug". Ze trouwde met hem, leek zich sexueel vrijelijk te ontplooien en schonk hem een kind. Maar wat die meneer haar sexueel ook te bieden had, voor haar beleving bleef er in bed iets aan mankeren en steeds nadrukkelijker fantaseerde ze er een vrouw als derde partner bij. Haar gezinsleven en haar huwelijk liep daardoor uiteindelijk finaal op de klippen.

Terwijl ik de vuilnisemmer op straat zette, liep er eens een jongen van een jaar of 16 langs die in het voorbijgaan aan me vroeg: Die groeide op tussen de lullenzuigers en de pikkentrekkers. Ja, ik zei u al eerder: In de volkstaal vind je vaak een trefzeker inzicht terug. Neem het woord afrukken nou. Al pratend begon ze zich uit te kleden. Ze raakte dus duidelijk in de greep van machten die onmetelijk veel groter waren dan zij zelf.

Ik vroeg haar bij herhaling vriendelijk of ze haar kleren weer gewoon aan wilde doen. Maar daar trok ze zich niets van aan. Uiteindelijk stond ze hier poedelnaakt van alles uit te kramen vlak voor mijn bureau.

Pas toen ik opmerkte, dat ze zo wel eens een kou zou kunnen vatten, hield ze haar mond, kleedde ze zich pijlsnel weer aan en verliet ze zonder ook nog maar iets te zeggen mijn kamer". Mevrouw was regelrecht naar het politiebureau gereden om een klacht tegen mij in te dienen.

Ik zou geprobeerd hebben om haar aan te randen. Nadat ik die agenten rustig had uitgelegd hoe de vork in de steel zat en hoe iemand tot dergelijk wangedrag kan geraken, namen ze afscheid. Als kind word je al snel te verstaan gegeven, dat je onlosmakelijk deel uitmaakt van de menselijke soort. Daarmee word je voortdurend aangesproken op het kudde-instinct. Elke kudde streeft naar eenheid en homogeniteit en de eenvoudigste basis daarvoor is gelijkheid.

In ruil daarvoor biedt de kudde warmte en weldadige gevoelens van zekerheid en geborgenheid. Goedkeuring door de kudde roept het plezierige en stimulerende gevoel op dat je juist handelt. De kuddegeest maakt je als mens van binnenuit sociaal en beloont je gevoelsmatig als je je aanpast: Zonder aansluiting bij de kudde ervaar je je persoonlijkheid als incompleet. Plichtsbesef, schuldgevoel en geweten zijn typische resultaten van het kudde-instinct in de mens.

Alles wat de afstand tot de kudde benadrukt, beleef je als onbehaaglijk, verkeerd, boosaardig, gek of zelfs als onmenselijk. Van uiteenlopende suggesties wint de aanbeveling die het best de stem van de soort vertolkt. Dit instinct stimuleert alle eigenschappen die het kuddedier nodig heeft in de strijd om het voortbestaan van de soort: Het kudde-instinct maakt het efficiënt opzetten van aanval en verdediging mogelijk.

Wat de kuddegeest betreft, kun je buiten het groter geheel eenvoudigweg helemaal niet bestaan en stel je nog minder dan niets voor.

Zij eist van je dat je totaal in de kudde opgaat. Door je als eenling volledig te absorberen, ontneemt ze je elke mogelijkheid om je buiten de groep op te stellen.

Als het alleen maar aan dit instinct zou liggen, wordt je gedrag als individu niet door je persoonlijke behoeften bepaald, maar uitsluitend door datgene waar de soort behoefte aan heeft. Als kuddedier ben je zwak wanneer het om persoonlijke initiatieven gaat en wantrouw je elke aansporing in die richting. Die keken er telkens raar op hun neus als ik tegen hen zei: Van hun verwarring maakte ik gebruik door daaraan toe te voegen: In die gemoedsstemming was hij er niet in het minst op bedacht dat zijn echtgenote nog totaal iets anders voor hem in petto had.

Zij vlijde zich extra lekker tegen hem aan, fluisterde hem toe dat ze dit keer wel heel bijzonder van hem genoten had, streelde hem hier en daar nog wat na en begon ondertussen op haar meest onschuldige toontje te babbelen: Alles wat met sexualiteit te maken had, deed ze daarna als viezigheid af.

Die meneer vertelde mij met verstikte stem: Danig van slag vertelde hij dat tegen zijn moeder. Die wist zich geen raad en riep de vader erbij.

Die gaf zijn zoontje eerst een klap voor zijn hoofd met de opdracht om zich te vermannen en belde daarna de rector van de school op met het dringende verzoek of die eens met zijn zoontje wilde praten. Dat gesprek vond de volgende dag plaats. Eerst trok de rector de gordijnen van zijn kamer dicht. Het niet kunnen luchten van die ervaringen kan de ontwikkeling van een mens echter ernstig in de weg staan. Zo heb ik nogal wat bezoekers mogen wijzen op wat er geschreven staat over Jezus die op zijn twaalfde de huisdeur achter zich dicht trok zonder zijn ouders daarvan te verwittigen.

Toen zijn moeder Maria hem miste, raakte ze nogal over stuur. Vol zelfbeklag vond ze hem terug in de tempel, waarop hij alleen maar zei: En daar was hij dus ook naar gaan leven en naar gaan werken.

Jaren later duwde hij zijn moeder in haar rolstoel door een verzorgingshuis. Bij die gelegenheid wuifde zij iedere willekeurige voorbijganger met een koninklijk handgebaar minzaam toe. Van de weeromstuit wuifden de meesten maar vriendelijk terug waarop de moeder zich naar haar zoon omdraaide en hem vroeg: In ruil daarvoor verlangen ze dan wel van je, dat je met je hele ziel en zaligheid in hun grotere geheel opgaat. Na verloop van tijd lopen dat soort systemen net zo dood als alle mensen die er met huid en haar in verdwenen.

Ik had hier een meneer die zichzelf vrijwel volledig kwijt was geraakt  nadat hij een glanzende carrière  binnen een groot bedrijf had gemaakt. Pas wanneer je je in alle vrijheid zelfstandig beweegt en de verantwoordelijkheid neemt voor elk onderdeel van je gedrag, breekt het inzicht door dat ieder vermogen om inzicht voor jezelf te verwerven uitsluitend aan jou, als enkeling, is voorbehouden.

Pas dan word je je tenvolle bewust hoezeer de kuddegeest met zijn neiging naar een doctrinaire en autoritaire tirannie dit voortdurend dood dreigt te drukken.

Daartegenover staat echter net zo onverbiddellijk: Met behulp van je kritische verstand kun je de geestelijke stabiliteit opbrengen die nodig is om je daartegen te verweren.

Maar zelfs dat lukt je alleen maar wanneer je aanvaardt dat het kuddedier ook in jou huist. Dit lukt je alleen maar met behulp van kracht die je eveneens is aangeboren: Zij stelt je in staat om alles wat je ervaart te betrekken op jezelf en maakt je eigenbelang tot het enige volstrekt geloofwaardige belang. Deze kracht is naar binnen gericht en staat constant onder druk van je sexualiteit, kuddegeest en altruïsme, die alle drie naar buiten gericht zijn.

Volwassen worden komt erop neer, dat je al je instincten krachten weet te beteugelen, in evenwicht met je eigenbelang weet te brengen en één en dezelfde kant op weet te richten.

Het is een gemeenplaats die generatie na generatie miljoenen kinderen wordt ingeprent. De exacte betekenis ervan blijft meestal in het vage, maar toch worden alle instrumenten van massa-beïnvloeding in dienst ervan gesteld.

De meeste mensen accepteren het in zijn oppervlakkige betekenis: Dan krijgt het de lading: Maar als mens zie je je telkens wel degelijk voor die vraag gesteld. Ik kreeg hier nogal wat mensen die het antwoord daarop niet wisten. Anderen wisten dat wel, maar ontbrak het aan de wilskracht  om het ook in praktijk om te zetten.

Ik had hier eens een meneer die, toen ik de wil ter sprake bracht, alleen maar kon zeggen: Het is een scheppend vermogen dat uitsluitend mensen gegeven is. En net als bij elk vermogen het geval is, komt ook wilskracht pas tot zijn recht komt als je er voldoende aan werkt.

Als je maar lang genoeg oefent, versterk je je wilskracht, net als een spier, bouw je haar tot daadkracht uit en kan ze in je voordeel gaan werken. Alleen dan begin je je pas echt in de volle omvang te ontwikkelen tot mens. Je wil is de kracht waarmee je je als individu van anderen onderscheidt. Terugblikken kan je bewust maken van wat je allemaal precies aan schade is berokkend en hoe dat je heeft gemaakt tot wie je nu bent.

Maar al te vaak blijkt de oorzaak bij een of meer ouderen te liggen die buitengewoon in staat bleken om niet alleen jou, maar ook hun eigen gevoelens te verdringen. Zij bezorgden het kind al heel jong het gevoel dat er tegen hen niet op viel te boksen; dat je het bij voorbaat tegen hen aflegde.

Terwijl daar vaak toch alle reden toe is. Ik heb hier ook nogal wat mensen als een opgeblazen ballon binnen zien komen om ze vervolgens helemaal leeg te zien lopen. Als de lucht uit een ballon is, blijft er nu eenmaal nog maar weinig meer over dan een omhulsel. En natuurlijk voelt het angstaanjagend en onheilspellend als je zelf totaal geen antwoord meer kunt geven op de vraag wie je eigenlijk bent. Daar is niets leuk, lekkers of lolligs aan. Toch zie ik dat als een positieve ontwikkelingsfase.

Met je wil kun je uitgroeien tot een oorspronkelijke en creatieve persoonlijkheid die zelfstandig handelt en die niet alleen maar reageert. Met je wil begint, staat of valt de richting én je beheersing van je de groei en ontwikkeling. Je wil levert verdeelde ervaringen op. Je ontdekt je wil voor het eerst op het moment dat je op de wil van anderen stuit. En je leert haar pas echt kennen wanneer je je daartegen verzet.

In de meeste gevallen gaat het daarbij om de wil van je ouders. Later voegen zich daar andere gezagsdragers en machthebbers bij. Onder invloed van hun reacties kan je wil zich constructief ontwikkelen, maar ook danig worden verstoord. Je wil kan overbelast raken, worden verlamd, verstikt en gebroken. Onder die omstandigheden kan je wil in haar tegendeel omslaan en kan het er op uit lopen dat je je eigenlijk alleen nog maar tegen de wil van anderen verzet. Veruit de meesten gaan er voor het gemak maar vanuit dat volwassenheid je als het ware vanzelf komt aanwaaien.

Die weigeren eenvoudigweg in te zien, dat het nogal wat vergt en kost om werkelijk uit te groeien tot een volwassen mens. In de ontwikkeling tot een volgroeide persoonlijkheid nadert vroeg of laat onafwendbaar het tijdstip om je niet langer een halt toe te laten roepen door herinneringen aan al die kontakten waarin je in het verleden faalde, afhaakte of bleef steken".

Dat kan zich op talloze manieren voltrekken en er komt nogal wat bij kijken. Het kan lang duren voordat een mens daar helemaal van geneest. Dan zette ik daar telkens weer met chirurgische precisie het mes in. Dat is namelijk nodig als je met het onbewuste van anderen wil communiceren. Ze verlangden dat je je juist klein maakte, schreven voor dat je op je knieën ging en schakelden je gelijk met schapen.

Ze prentten je in, dat je niet helemaal gaaf was op het moment dat je ter wereld kwam. Jammer voor jou, maar er ontbrak helaas iets aan je. Alleen de kerk kon je nog lijmen, met een kwast vol goeie genade. Daarmee stelden ze zichzelf niet alleen boven jou, maar boven het leven. En juist dat leven is voor mij altijd het hoogste goed geweest. Voor het overige geloof ik nergens in: Het is het gebied waar je één geheel vormt met alles wat leeft en in het bijzonder met elke medemens.

Het is de wezenlijke kern waar je één met het leven van ieder ander bent. Het is en blijft het middelpunt waar alles van het begin tot het eind van je individuele bestaan om draait. Elke daad die je stelt en iedere handeling die je pleegt, is er een uiting van. De wereld is en blijft een tranendal en de mensheid wil bedrogen worden, maar het leven heb ik daarom geen seconde minder lief.

Na het ontwaken begroet ik iedere nieuwe dag door te neuriën: Al die druk is er immers voortdurend op gericht om je aan te passen. Naarmate die druk groter en heviger is, kan ze je steeds verder uit je innerlijk evenwicht slaan, je meer en meer bij jezelf vandaan drijven en in het uiterste geval het kontakt verbreken dat je oorspronkelijk — en niet voor niets! Jezelf zoeken en jezelf proberen te hervinden lijkt meer op zijn plaats. Geen mens is bij machte om zichzelf binnen het bestek van één leven volledig te leren bevatten.

Daar zouden heel wat meer levens nodig voor zijn. Vijfenveertig jaar lang stond ik zes dagen per week mensen te woord die op zoek waren naar zichzelf.

Denk nu echter niet, dat ik op grond van die ervaring mezelf heb leren doorgronden. Ook ik ken mezelf nog maar een heel klein beetje. Vooral wanneer je van iemand houdt, is het onmogelijk om jezelf voor die ander te verstoppen.

Soms is dat een zo angstaanjagende ervaring dat je het als een verwonding beschouwt. Vooral in je jeugd bestaat leren voornamelijk uit nadoen. Van meet af aan leer je je te gedragen zoals je omgeving dat van je verwacht en verlangt. Als klein kind zie en hoor je slechts het voorbeeld dat grote mensen jou met de beste bedoelingen geven. Hun gedrag ten opzichte van jou vormt aanvankelijk je enige richtlijn en houvast. Aan de lopende band duwen ouders en andere opvoeders hun normen en waarden er bij je in.

Hun frustraties, verwachtingen en idealen projecteren ze daarmee op jou. Daar ben je als klein kind uiterst ontvankelijk voor. Want dat begint al voordat je je er ook maar een beetje tegen kunt verweren. Allemaal proberen ze iemand anders van je te maken, naar hun beeld en gelijkenis.

Dat begint al als familieleden zich over de wieg van een pasgeborene buigen en zich afvragen op wie van hen het kind het meeste lijkt. Ik kon het dan niet laten om de hoop uit te spreken dat de kleine vooral op zichzelf zou blijven lijken. Want voor je het zelf in de verste verte ook maar een beetje in de gaten hebt, raak je al van jongsaf aan door opvattingen van anderen ondergesneeuwd en maak je jezelf gedragingen eigen die zij van je verlangen.

Van hen mocht je van het begin af aan eigenlijk niet of nauwelijks zijn zoals je in wezen bent. Die indruk versterkt hij door daarna een korte pauze te laten vallen, een fractie van een seconde slechts, maar net genoeg voor hem en de ander om zich nog even mentaal vrij te maken voordat het kontakt uit de startblokken schiet.

Zijn grijsblauwe ogen dwalen langs het plafond terwijl hij aandachtig naar de ander luistert. Na minder dan een minuut weet hij genoeg. Kennelijk wordt dat niet meteen begrepen, want vlak daarna herhaalt hij op precies dezelfde toon: Daar moet de ander het mee doen.

Nadat hij de telefoon neerlegt, merk ik op: Zo ging het hier om een mevrouw die voor haar werk voortdurend met bedenksels moest komen die anderen graag van haar hoorden. Uiteindelijk werd ze daardoor ziek van zichzelf. Inmiddels probeert ze weer overeind te krabbelen. Dat leek haar aardig te lukken, maar nu probeerde iemand haar onverwacht onderuit te halen.

Het woord vellen leende zich er voor mijn gevoel als geen ander toe om nu ook bij haar een gezonde dosis moordlust aan te wakkeren. Volstrekt onaangedaan pakt hij daarna de draad van ons gesprek weer op. Hoe meer je je aanpast, des te meer verdring je de natuurlijke oorsprong  van jezelf. Dat voltrekt zich stapje voor stapje en beetje bij beetje. Op een gegeven moment weet je niet beter en ben je een meester geworden in het verdringen van jezelf.

Op die manier raak je eraan gewend dat je niets meer van je eigen woede merkt. Tenslotte denk je zelfs dat je woede helemaal niet bestaat. Er is weinig reden toe om plezierige ervaringen te verdringen. Je verdringt uitsluitend gevoelens die je als onaangenaam beleeft. Door te verdringen probeer je jezelf af te schermen voor pijnlijke gewaarwordingen, vlucht je voor de harde kanten die het leven met zich brengt. Verdringen is uiterst verleidelijk: Men duidde die periode aan als de jaren des onderscheids en beschouwde dat als een soort grote schoonmaak aan het eind waarvan je tot jezelf kwam.

In die jaren leerde je het verschil zien tussen dat wat authentiek van jou was en dat wat je klakkeloos van anderen had overgenomen. Dit laatste werkte je er tussen je 25 ste en 35 ste zoveel mog elijk uit. Ik ervaar hen ook als mijn kleinkinderen. In mijn kontakten met hen komt het hoogst haalbare tot zijn recht wat een mens zich kan wensen: Daar beleven mijn kleinkinderen net zoveel plezier aan als ik".

Hij kon nog amper lopen. Op de drempel zei ik alleen maar: Ik zal nooit de blik vergeten waarmee hij toen naar me keek. Maar het mooiste van alles was: Een paar jaar later vertelde hij me dat hij op school voortdurend door een ander jongetje werd gepest. Ik gaf hem de verzekering: Die boodschap heeft hij de dag daarop letterlijk aan dat andere jochie overgebracht. Volwassen worden doet namelijk pijn en dat verdringen we liever, als het even kan.

Jezelf afschermen voor pijnlijke gevoelens werkt echter niet zo goed. Je ontregelt je hele systeem als je een stukje van je persoonlijkheid wegduwt. Gevoelens die je jezelf hebt ontzegd, schieten dan af en toe toch tevoorschijn, bijvoorbeeld als je vermoeid bent of een glaasje teveel op hebt. Je emoties kunnen dan losbarsten en op die manier ontsnappen. Daar word je dan door overrompeld, omdat je je ware gevoel niet goed meer kent.

Opeens herken je jezelf even niet meer, heb je aan jezelf niet meer genoeg en grijp je wanhopig naar averechts werkende hulpmiddelen als drug en drank. In al die jaren dat je jezelf hebt leren aanpassen, heb je — meestal op een pijnlijke manier — geleerd dat bepaalde emoties en gedragingen niet horen.

Verdringing kan ontstaan als gevolg van een trauma, een op zichzelf staande, zeer pijnlijke gebeurtenis. Maar het kan er ook in sluipen omdat je, geheel of gedeeltelijk, door je ouders wordt afgewezen. Dat is het meest bedreigende wat je als kind kan overkomen. Onder dat soort omstandigheden blijft er na verloop van tijd weinig meer van jezelf over dan een meestal lastig ontwarbare knoop van opvattingen en gedragingen die je voor een groot deel van anderen hebt overgenomen en die nog maar nauwelijks van jezelf zijn.

Dat stuk van anderen heb je jezelf echter eigen gemaakt. Je raakt eraan gewend en zelfs mee vergroeid. Het verklaart ook waarom je jezelf als mens pas echt kunt ontplooien wanneer je je ouders voorgoed en volledig achter je laat. Freud kwam tot de slotsom dat de menselijke beschaving zich pas echt kon ontwikkelen nadat er voor het eerst een zoon zijn vader had vermoord. Dat hoef je niet letterlijk te nemen. In overdrachtelijke zin diende zich er ooit nog een voorbeeld van bij me aan: De vader bracht daar tegenin, dat het juist bij een dergelijke gelegenheid in de kern toch uitsluitend draaide om de relatie tussen hen beiden en dat die niet alleen volkomen los stond van en ook van een geheel andere orde is dan de relatie tussen de vader en de moeder of welke andere dame dan ook.

De zoon bezorgde onder druk van dit tegenargument zijn vader en diens nieuwe vriendin alsnog een uitnodiging voor de huwelijksvoltrekking en de receptie, maar bleef hen beiden weren van het daarop volgende diner en feest. Dat doen ze dus nooit en tenimmer. Een conflict los je niet op door te doen alsof het niet bestaat. Het is je schaduw die maakt dat je jezelf voor de voeten loopt en met jezelf overhoop ligt.

Het is dat deel van jezelf  waar je minder van houdt, maar eerder haat; waar je van vindt, dat het er eigenlijk niet had horen te zijn. Je hebt moeite met dat stuk van jezelf omdat het op de meest ongelegen momenten de kop opsteekt en je in de problemen brengt; dat je bij tijd en wijle zomaar de teugels uit handen neemt, alsof je ten prooi valt aan een duistere kracht die sterker is dan jij en die je in de afgrond trekt.

Het is dat donkere stuk van jezelf, dat ervoor zorgt dat je dingen doet en zegt die je zelf eigenlijk veracht. Na verloop van tijd werd ze zelfs  bevangen door de stellige waan, dat ze ooit als een onecht kind te vondeling was gelegd en door die moeder van straat was geraapt. Pas op latere leeftijd vertelde ze dat tegen een jongere zus.

Die bleek met hetzelfde idee rond te lopen. Pas toen drong tot hen beiden door dat dit vanalles over hun moeder zei en niets over henzelf. Met die weerstand maak je jezelf langzaam maar zeker kapot. Zij maakt dat je gevangen raakt in een gevecht dat nooit valt te winnen, hoe slim, knap of sterk je ook denkt te zijn.

Weerstand tegen je schaduw mondt erin uit dat je jezelf verwenst en vervloekt je, dat je jezelf inhoudt en niet meer durft te laten gaan; dat je wankelt en jezelf onderuit haalt; dat je over jezelf en je woorden struikelt. Daar vestig je steeds sterker de aandacht op. Je poetst je imago voortdurend zo blinkend mogelijk op in de ijdele hoop dat je jezelf daarachter kunt verstoppen.

Ik kreeg hier een jongedame op bezoek die een vergiet van zichzelf had gemaakt: Al pratend kwamen we er vrij snel achter wat de diepere oorzaak was: En op latere leeftijd deed ze daar nog een schepje bovenop toen ze om medische redenen een gynaecologische ingreep zonder verdoving moest ondergaan. Glimmend van trots had ze daarover verhaald hoe de chirurg haar keer op keer had gevraagd of ze het nog wel volhield en dat daarbij steeds meer zweet over zijn gezicht liep.

Het luchtte hem zichtbaar op toen ik hem voorhield: Wat je ook probeert om haar te verstoppen, ze wil maar niet weg. En hoe banger je voor je schaduwkant bent en hoe sterker je haar probeert te verdringen, des te harder doet zij zich gelden en keert zij zich tegen je.

Want je onderdrukt daarmee een wezenlijk stuk van jezelf. Dat vreet je laatste restjes energie. Je vreet jezelf op. Al pratend kwamen we erachter dat haar moeder haar in haar jongere jaren iedere keer de koektrommel voorhield  als ze ook maar even lastig dreigde te worden.

Ik kon alleen maar zeggen: Het duurde even voordat die mevrouw daar smakelijk om kon lachen. Soms heb je het lef — of dwingt een situatie je ertoe — om wat dieper in jezelf te duiken, daar even wat langer te blijven en kom je jezelf tegen. Op die momenten hervind je je zelf.

Je ontdekt hoe het voelt om te voelen; niet te doen alsof je wat voelt, niet te denken dat je wat voelt, maar voelt het echt alsof je eindelijk thuis komt - of op zijn minst op weg daar naartoe bent. Dat kan zo verfrissend werken, dat je daar wilskracht uit put om in de spiegel te kijken en je schaduw recht in de ogen te zien. Je kunt daarvan even van slag raken tot je je verzet opgeeft en je ook je donkere kant aanvaardt met de slotsom: Onderweg hier naartoe was ze in haar auto langs een terrasje gereden.

In het voorbijgaan had ze daar een groepje leeftijdsgenoten zien staan die met volle teugen van het leven leken te genieten. Dat maakte nogal wat bij haar los: Ik zei dat ik dubbel blij voor haar was. Allereerst omdat ze niet de daad bij het woord had gevoegd. Met die angst zet je je schaduw in de vorm van schaamte en schuldgevoel tussen jou en de anderen. Dat heeft een escalerend effect. Je raakt overgevoelig, waant je bedreigd, maakt jezelf tot speelbal van je omgeving, betuigt telkens weer spijt, betaalt voortdurend je leergeld maar komt nauwelijks meer vooruit.

In de Tweede Wereldoorlog had een oom zich onbeschaamd aan de Duitse bezetters verrijkt. Door er halsoverkop met een Canadese bevrijder vandoor te gaan had een tante in slechts ternauwernood kunnen voorkomen om als moffenhoer te worden kaalgeschoren.

En zijn eigen vader sloeg er bij het minste geringste op los; met onder meer als gevolg dat die meneer als een vechtersbaasje in het leven kwam te staan. Die vader deed iets in de techniek en bestempelde die meneer keer op keer verachtelijk tot de zoon met twee linkerhanden. In een poging om toch nog een beetje goedkeuring van zijn pa te verwerven, stortte die meneer zich van de weeromstuit ook op de techniek.

Hij sloopte hele motorblokken uit elkaar en maakte die weer als nieuw. Ook dat mocht hem echter weinig baten". Nadat de zoon naar eer en geweten antwoordde, dat hij daar nog geen enkel benul van had, pakte de vader er een boek voor varensgezellen bij en drukte hij het joch  met zijn neus op twee afbeeldingen uit het hoofdstuk over geslachtsziekten.

Op de een was het scrotum te zien van een man met ballen als meloenen en op de tweede werd een man getoond met grote zwerende syfilusgaten in zijn armen. Het duurde jaren voordat die meneer een meisje aan durfde te raken. Het was alles bij elkaar dus niet zo vreemd, dat allengs de overtuiging bij die meneer postvatte, dat het kwaad ook hem in de genen zat.

Van lieverlede zocht hij zijn heil in allerlei drugs. Die had hij helemaal op eigen kracht weer achter zich weten te laten toen hij op een gegeven moment tegen mij zei: En hij klaarde meteen een stuk op nadat ik met een grote glimlach vroeg: Welkom in de Volksrepubliek van Verlangen. China - What happens to the children of long term convicts in China? A series of houses is visible from behind the green iron gates. The vegetable gardens that surround them are dead and frozen at this time of the year.

A dirt track goes past latrines with plastic-coated walls to a boiler room, a canteen and four identical bungalows that have recently been built with funds received from western companies and embassies. Inside are a barely heated living room, two dorms for up to twenty kids, a laundry room and toilets that can only be used at night, and a small room for the live-in care provider.

Seventy-six children have found a new home here. From the outside, it resembles an ordinary Chinese school, ringing out with careless laughter and quarrelling voices in equal measure.

I hear girls getting worked up about a hairpin and boys screaming in an dispute over the ownership of a football. Beneath all of this are the hushed-up stories of the adults that work here, tragic tales of mothers that were taken away in shackles, of women that simply disappeared when their husbands were put behind bars or of others that made their children witness horror scenes, condemning them to endless nightmares or incurable bed-wetting. Blood, violence and, in most cases, guilt have a stranglehold on these lives.

Some people became transfixed on images of blunt axes, of kitchen knives in the hands of the desperate or of bowls of rice laced with rat poison. Others on the sight of unrecognisable family members - drunk, enraged, crying madly or having become motionless, stiff and cold. The inner layers are only rarely visible and even then only for those in whom the children confide. They consist of silence, sorrow, anger and an utter sense of incomprehension. For they are not convinced of the nurturing effect of balancing dangerously above the gutter of the past in an often futile attempt to understand.

Bie ku, guoqu jiu guoqu ba, is their mantra. For the first time, boys and girls, whose future became uncertain after their past was executed, did not end up on the streets but in mini-institutions. Four in total, with fifty kids in each of them. It is Big Brother Koen, as the kids call the equally idealistic and cuddly Belgian who works here, who saved the place. He thought that money had to benefit the most needy, those that society and the state had spat out and removed from view.

A lot had to be done. Visiting mum or dad in prison rarely happened and there was no psychological counselling to speak of. That makes for some hard choices and, on top of that, success is not immediately guaranteed. International research comes up with similar conclusions.

Yet Sevenants was unable to quit. In the meantime, he redoubled his efforts to find donors amongst companies and he even managed to convince the governments of two Belgian provinces to commit to this project on a long-term basis. At the same time, he established confidential ties with the Chinese government that would enable him to launch three more pilot projects with youngsters.

Forty euros a month Miss Fang 50 hangs up the laundry next to bungalow number three, where she lives with some fourteen boys and girls of between three-and-a-half and seventeen years old. Fang took up this job four years ago, when the state factory, where she had worked for decades, closed its doors. A normal person can scarcely imagine what these boys and girls have been through, often at a very early age. I remember that time when the older boys had been playing with red paint in the old building where we used to live.

Seeing the red marks on the wall, one of the children fainted. It reminds her of that evening, when her mum hacked her father to death and made her hold the bucket to collect the blood. When they first get here, most children are very anxious but in the end they get to like this place more than their own family.

They are consumed by feelings of hatred, towards those they hold responsible for ruining their lives. The first children have come back from school. They say hello politely and take a good look at us newcomers. Finally, the most daring member of the group asks where we come from, which makes the others laugh nervously.

They put their schoolbags in their rooms but keep their coats on all day. There is no heating in the village primary school. I say I do and show him the three layers of clothing that have to protect me against the cold. After lunch, the girls jump up and down with an elastic thread while the boys play football.

It will be the first of many games that we teach each other. I want the children to talk about themselves but as soon as I enquire about the pros and cons of living at this centre, I get nothing more than silence, alarmed glances and a most dismissive body language. And indeed, why would they confide in me? The child of a prisoner herself There are few other confidentialities.

But then, what should you expect from boys and girls that have yet to learn their times tables? Still, at times, stories surface unexpectedly. It was an era of constant fear, ever unexpected blows and never-ending nightmares. The outside world knew him as a quiet, friendly policeman. Only their neighbours and relatives ever saw his true face. For those that lived nearby, it revealed itself in the all too frequent, desperate cries of Kou and her mother, while the members of the family got to see the bruises with which their bodies were more often than not covered.

During all of my childhood, I found comfort in the arms of the woman next door. It is better, it goes, to destroy ten temples than to tear apart one family. She used to say that it would pass and that shit happens. I can tell that she considers it as being her fault. What would he do to her? The nineteen-year-old Kou was in the third year of university when the call came from her best friend. Could she come home? He had to talk to her. A couple of minutes later, her mum called, saying she had to leave for a training course.

It would be the last sign of her mother. The next time she saw or heard from her was seven months later, in court. During the following three days, her uncle would tell her afterwards, Kou was in a permanent state of shock. However, my uncle explained to me that I was the only person who could save her life. During the trial, Kou took to the witness stand three times.

She says in a stifled voice that a thousand people have signed a petition of sympathy for her mother, such was her popularity. The doctor is sentenced to a stay of execution, a measure which, according to Human Rights Watch, is applied in one in four murder cases. It means that she gets two years to successfully prove her mental rehabilitation, two long years during which death is constantly lurking around the corner.

For if your behaviour is not judged satisfactory, the bullet is still waiting and in the best-case scenario, twenty years will still have to be spent behind bars. But the pressure which my grandfather exerted was too overwhelming. Two years and two months of silence: He said it would destroy her and that I had to maintain my composure. On weekdays, she works in the prison clinic and she teaches on Saturdays. She gets along very well with the prison authorities, to the extent that she can receive her daughter within the walls of her own cell, sometimes for over two hours.

The atmosphere is great, the food is terrific and the night is still young. With a television, that is, with an endless amount of channels, with mattresses into which they can sink deeply, and with unlimited amounts of boiling hot water.

As a good host, the seventeen-year-old Zhang Xiangyu sorts out the most exquisite bits of food for us.

She says she greatly admires journalists, reads every newspaper she can lay her hands on and definitely wants to become a writer later on. A few days before, the accountant of the centre spoke of her as a model child. The boy has since been released, his mother still has more years to serve. Her friend Zhang Hao nods. Even children that are unwilling to go back to violent or totally undesirable family situations are being physically forced to leave with their family members.

We therefore teach them how to make a phone call and provide them with some pocket money so that they can call us if need be. But whether or not they manage to do so A couple of teenage girls want to know if Auntie likes dancing. Xiang Kepeng 16 has been given a special task.

He says he feels honoured, which I can well imagine. Xiang is a softly spoken, quiet young man who has lived here for six years and who dreams of a career in the army. He sees it as a matter of making himself useful for his country. The woman that is, who killed his father and who gets no other visitors than him, three or four times a year, each visit lasting no more than fifteen minutes.

The boy stares off into the distance while he talks about the drama that destroyed his family. He got along fine with my mother and my brother and I used to come home from school every weekend. We were a very happy family, believe me.

When I ask my mother, she says that we should let the past rest. Guoqu jiu guoqu ba. Let bygones be bygones. My mother had called the school, asking for us to come home straight away.

Then the police came. They handcuffed her and dragged her along violently. That image still haunts me, after all these years it still numbs me. Ten days later, my brother and I were allowed to visit her in the local district prison, where she was awaiting trial. Her body was covered in bruises and there were many burn wounds on her hands and arms. No wonder she had confessed to her so-called crime. He wanted her to confess to the murder at all cost. In the first year after the death of his father, Xiang lived with a relative.

My brother ran away and later on I followed him. Finally, I got a place in this centre. The kids have played and danced for hours on end. I made a card for her too, clumsily and artistically average, but sincere and well intentioned. All of a sudden, this strong-willed little girl of eight seems very fragile. While the other girls are still saying goodbye, Guo Lin goes straight to bed and turns her head to the wall.

In the hotel room, I get out the card. I think Auntie is super. Ze is een vreemd soort beroemdheid, de Palestijnse Israëlische Rauda Morcos Toch sinds ze in dat interview heeft gegeven aan 's lands grootste krant, Yediot Acharonot 'Het laatste nieuws'. Met haar foto, sigaret in de mond, als paginagrote opening van de weekendbijlage, en met als titel 'Palestijnse, feministische lesbienne'. Haar seksuele geaardheid kwam nochtans slechts in één paragraaf aan bod. Maar het kwaad was geschied.

Of heel Israël per se moest weten met wie ze het deed, wilde haar moeder prompt weten. Erger nog was dat ze meteen haar werk als lerares bij risicojongeren verloor, en dat zelfs de meest progressieve Israëlische feministische organisaties haar bij sollicitaties afwezen. Eén jaar en drie maanden bij pa en ma intrekken was de enige optie.

Want waar moet je zonder centen heen? Maar ook daar was de geoute lesbienne niet welkom. In de winkel weigerde men Rauda te bestellen, het dorpscafé van haar broer raakte tal van klanten kwijt en in restaurants hield men op met eten als ze binnenkwam. En dagelijks, ja dagelijks, werd haar auto gevandaliseerd.

Ze zouden voor lesbo's versleten kunnen worden. Of tenminste, zo lijkt het toch. Je groeit op met een welomschreven idee van wat er van je verwacht wordt. Ik wist dat na de studies traditioneel het trouwen wachtte en de kinderen, maar dat idee stond me vreselijk tegen.

Met mijn moeder heb ik het er vaak over gehad, dat dertig of vijftig jaar van je leven met dezelfde vent slijten me een marteling leek, maar zij deed dat oordeel af als van voorbijgaande aard. Je groeit wel op, meende ze. Vijf jaar met deze en dan de volgende, dat leek me wel wat, maar scheiden was in een anglicaanse gemeenschap als de onze niet meteen een optie. Pas later werd ik me ervan bewust dat ik toen wellicht op de lerares Engels verliefd was, maar aangezien dat niet tot de mogelijkheden behoorde, drong het ook niet tot me door.

Dat betekent niet dat ik geen vriendjes had. Jonge mannen als Jamal bijvoorbeeld, een advocaat met communistische ideeën. Hij verhuisde mee naar Tel Aviv toen ik er ging studeren. Mijd haar, zeiden ze nadrukkelijk, ze is lesbisch.

Het was, geloof ik, de tweede keer dat ik dat woord hoorde en het was in mijn hoofd synoniem met 'afstotelijk, ongezond, onaanraakbaar. Hij is het die me aan mijn eerste liefde voorstelde, de flatgenote van zijn vriendje.

Gail was een Zuid-Afrikaanse en ze flirtte met me vanaf het ogenblik dat ze me zag. Ik vertelde aan mijn vriend dat ik het wilde proberen, eens zien hoe het gaat met een vrouw. Hij antwoordde dat mensen geen muizen zijn en dat hij niet in experimenten geloofde. Ik moest doen, zei hij, wat ik voelde. Het was een klein zinnetje met grote gevolgen.

Ik had immers nog nooit iets 'gevoeld', bij geen enkele mannenmond die ik had gekust. Doe maar, antwoordde ik, en in de seconden die volgden leerde ik wat aantrekking is.

Ik was er ondersteboven van en wilde dat het eeuwig zou duren. Mijn vriendje heb ik toen meteen vaarwel gezegd. Eindelijk, zei hij, ik wist het al veel langer dan jij. We zijn nog altijd vrienden, echt. Ik vreesde dat ze me zou uitlachen, omwille van mijn eerdere reacties. Maar ze was juist ontzettend blij voor me, verheugd dat ik mezelf had gevonden.

Die reactie maakte het verschil: Ik wilde zoals iedereen zijn, dingen met ze delen, niet langer geheimen hebben. En ik moest af van dat eeuwige gezeur van de gemeenschap over trouwen. Ze wist dat ik met geen enkele Arabische man zou kunnen leven en ze zei dat ze mijn seksuele geaardheid al kende.

Met haar praten was het moeilijkste, ik wilde immers haar goedkeuring. Met mijn vader en mijn broer lag het anders: Dochters worden verondersteld na hun studies terug te keren of minstens te emigreren. Als ongehuwde vrouw alleen wonen in Tel Aviv daarentegen, was geen aanvaardbare optie. Ik trok me daar echter geen barst van aan. Alleen op de school waar ik werkte, hield ik mijn seksualiteit verborgen. Ze vonden me zo ook al een freak. Dat jaar vatte ook de tweede intifada aan na het bezoek van Sharon aan de Tempelberg en ik stelde me almaar dwingender de vraag waar ik thuishoorde.

Een Israëlische zou ik nooit worden, ik kon zelfs de gedachte niet meer verdragen dat mijn vriendin Joods was. Wie slaapt er nu met de vijand? Een Russische lesbienne heeft me toen geholpen. Ik vond een Palestijns lesbisch koppel en via hen een e-maillijst van gelijkgezinden. Ik heb toen ook uiteindelijk de liefde van mijn leven ontmoet en heb samen met haar en enkele vriendinnen een groep gevormd. Die eerste keer, toen we in januari samenkwamen, praatten we negen uur aan een stuk.

Het was als thuiskomen, grappen die niet uitgelegd hoefden te worden, een collectief geheugen dat niet verklaard moest worden. We schreven geschiedenis en we wisten het: Ik las er gedichten voor, het succes was enorm. Literatuurtijdschriften wilden selecties publiceren en verslaggevers vroegen om interviews.

Daar is die ongewilde outing van gekomen. Maar uiteindelijk genereerde dat drama ook een hechtere band met mijn vader en moeder. Ze gingen inzien dat een lesbische dochter geen schande is.

Ik ben geen dief, hoer of verslaafde. Maar juist trots op mezelf. Onder een loden hemel. Het valt niet te ontkennen: De slapende reus ontwaakte en haastte zich met zevenmijlslaarzen van Marx naar de markt. Traditionele hutongs kleine rijhuizen in steegjes groeiden uit tot blauwglazige flatgebouwen, boeren verruilden de akker voor de bouwput, maopakjes verkasten van het volkswarenhuis naar de rommelmarkt voor buitenlanders, en partij-ideologen reïncarneerden in computerspecialisten.

Instantwelvaart, ontstaan terwijl de wereld even niet keek. Maar in het halleluja over China's astronomische ontwikkeling staat men nauwelijks stil bij de prijs die 's lands rivieren, bomen, dieren en mensen daarvoor betalen. Twee derde van de oppervlakte ging in de voorbije halve eeuw verloren aan bodemerosie en woestijnvorming. Mao Zedongs stompzinnige politieke campagnes sorteerden een ongeziene ecologische destructie, en de introductie van de markteconomie en het onbeschaamde grove geldgewin versnelden de rampspoed nog.

Worden de 1,3 miljard Chinezen steeds rijker, in milieutermen is de verarming dramatisch. Sinds de stichting van de Volksrepubliek in , zo becijferde de in ballingschap wonende schrijver Zheng Yi in zijn pas verschenen China's ecologische winter, is de totale biosfeer per capita teruggebracht tot een vijfde van daarvoor.

De ecologische schade vreet jaarlijks minstens 14 procent van het bnp weg. De gevolgen van de massale lucht- en watervervuiling zijn niet uitgebleven: Geef mensen grondrechten en ze nemen er de plichten, de zorg, graag bij. Veel minder, in zekere zin, dan het uitzicht vanuit een hotelkamer in Shenyang, de hoofdstad van de provincie Liaoning in Noordoost-China.

In de jaren dertig vestigde de Japanse bezettingsmacht hier de eerste zware industrie van het land en twintig jaar later spendeerde Mao Zedong in deze regio het gros van het budget van zijn eerste industriële vijfjarenplan. Shenyang belichaamde decennialang de socialistische zekerheid van eeuwige tewerkstelling, voortdurende en vooral immer exponentieel stijgende welvaart.

En toen het Oosten nog rood was, waren groene gedachten uit den boze. Zorgen voor later, zeg maar. Bovendien keerde het tij in de jaren tachtig en verschoof de aandacht van de Chinese leiders van het noordoosten naar het oosten. Shanghai moest de nieuwe industriële groeipool worden: Aldus torst het loodgrijze, zeven miljoen inwoners tellende Shenyang nu op wat officieel een heldere lentedag heet een verstikkende smogdeken waar de zon zich slechts moeilijk doorheen brandt.

Maar, zo verzekeren de bewoners van de stad, de luchtkwaliteit is nog nooit zo goed geweest als nu. Dat Shenyang bovenaan prijkt op de lijst van 's werelds meest vervuilde steden, daar zijn ze niet van op de hoogte, want de Chinese kranten maken weinig woorden vuil aan dergelijk slecht nieuws.

Wat de Shenyangnezen wel weten, is dat de hemel is opgeklaard sinds het gros van de flatgebouwen vorig jaar van steenkool op aardgas overschakelde voor de verwarming, waarbij de honderden oude districtsboilers met hun lage, zwarte schoorstenen naar de industriële archeologie verwezen werden.

Een nog groter verschil, zij het dat velen er een bitterzoet gevoel bij hadden, maakte de sluiting in augustus van de bankroete Shenyang-hoogoven. Nu staat er nog nauwelijks een poot van die uit de periode van de Japanse bezetting daterende dinosaurus overeind.

Het hek houdt wel stand, met inbegrip van een gepensioneerde bewaker voor een miezerig hokje. Daarachter gapen de wonden van de afbraak. Grote hopen steengruis, verwrongen metalen platen met slogans aangaande veiligheid, efficiëntie en kwaliteit, alsook gestaag wegroestende karkassen van voertuigen, ontdaan van alle nog bruikbare elementen.

Aan de overkant van de straat vegeteren nog meer restanten van het socialistische paradijs. Een Volkscultuurpaleis met ingeslagen ruiten en achter bergen huisvuil het gesloten Volksziekenhuis, dat tot aan het einde van de vorige eeuw gratis medische zorg garandeerde voor alle werknemers.

In de deuropening van een mistroostig grijs bouwsel aan de zijkant wenkt een tengere vrouw. Ze heet Liao, is drieënveertig en radeloos. Dat ze niet weet waar het goed voor kan zijn, begint ze, maar ze hoopt dat we naar haar verhaal willen luisteren. De hoogoven zit bij Liao in de familie: We gaven onze jeugd en onze geestdrift aan dit bedrijf, en hoe werden we beloond?

Daarom moeten we wel hier blijven, in deze 15 vierkante meter grote 'flat' die al jaren aan herstelling toe is. Er is geen geld om een ander appartement te kopen, zelfs niet tegen een spotprijs. Veroordeeld zijn we, samen met de ongeveer honderd anderen die hier zijn gebleven, in hoofdzaak bejaarden en alleenstaanden, mensen zonder enig perspectief. Zonder acceptabel toilet ook: De mannentoiletten zijn onbruikbaar geworden, de waszaal wordt elke zomer overrompeld door ongedierte en warm water is herleid tot een herinnering aan betere tijden.

Maar wie gelooft die onzin? Neem het van mij aan: Het vreet verschrikkelijk aan me. Wat moet er van onze zoon worden, die moderne technologieën wil studeren? Zijn jaarlijkse schoolgeld bedraagt de helft van de totale ontslagpremie van mijn man. Ze hebben ons niet alleen ons leven maar ook onze toekomst ontnomen. En de kaderleden van weleer, die eten nog altijd zeevruchten in de beste restaurants van de stad.

Zij kopen nieuwe appartementen. Weet u dat alleen de duurste van die nu overal opduikende wolkenkrabbers goed verkopen? Voor de rijken zijn het gouden tijden. Maar alleen voor hen. Dat we meteen moeten vertrekken, snauwt hij, het wordt te gevaarlijk.

Als we geen aanstalten maken om op te stappen wordt hij nog kwader. Het valt niet te ontkennen dat de Chinese leiders er net zo over denken en verhalen als dat van Liao angstvallig uit de media houden. Haar lotgevallen zijn nochtans die van veel Chinezen anno Deze mensen behoorden destijds tot de meest geprivilegieerde klasse van het land, wat hen tot de allertrouwste supporters van China's Communistische Partij maakte, en met de herstructurering van de staatsbedrijven verloren ze in één klap alles.

Tot een flink jaar geleden lokte dat enorme arbeidsprotesten uit, vaak omdat de bedrijfsleiders bedenkelijke trucjes gebruikten. Zo verminderden ze een paar maanden voor het faillissement het loon van hun werknemers. Aangezien het laatste salaris de basis vormt voor de over een periode van twee jaar maandelijks uitbetaalde ontslagvergoeding, kregen de ontslagen werknemers daardoor aanzienlijk minder.

Shenyang was in de late jaren negentig de woeligste stad van het land. Elke dag werden her en der kruispunten bezet, vatten bejaarden voor het partijgebouw post om hun rechten op te eisen en scandeerden ontevredenen letterlijk bedoelde socialistische slogans. Dat de rust ondertussen is weergekeerd, weerspiegelt geen ware verbetering van de situatie maar illustreert het overheersende gevoel van 'mei banfa': Dat resulteert alleen in rake klappen, een rit richting politiekantoor en een vreselijke hoop heibel achteraf.

En zo houd je van die ontslagpremie uiteindelijk nog veel minder over. Gesteld dan dat ze niet mond- en zelfs letterlijk bijna dood waren. Al twintig maanden hadden de demonstranten het zonder maandelijkse ontslagpremie moeten doen, terwijl de wegens zijn gesjoemel alom gehate bedrijfsmanager nog altijd op grote voet leefde.

Hoewel de lokale partijsecretaris zei de grieven van de betogers te begrijpen, werd het viertal prompt als 'opruiers' gearresteerd. In december van vorig jaar werden twee van hen vrijgelaten, de anderen werden beschuldigd van 'poging tot oprichting van een illegale organisatie' en 'contact met buitenlandse journalisten', met negatieve berichtgeving tot gevolg.

Toen hun proces in januari begon, zakte de ene activist in het beklaagdenbankje ineen. Van de andere is bekend dat hij een beroerte had in de gevangenis en met ernstige hartproblemen kampt.

Ondanks campagnes van Human Rights Watch en Amnesty International voor hun vrijlating mocht het duo zelfs geen familieleden ontvangen in de gevangenis. Begin mei kwam de uitspraak: Hun advocaat was op hun proces niet eens aanwezig en de twee mannen kregen evenmin de kans zichzelf te verdedigen.

Het enige positieve in de zaak is dat de manager en zijn trawanten evenmin aan het gerecht zijn ontsnapt. Een van de vroegere kaderleden kreeg dertien jaar cel wegens fraude, corruptie en aluminiumsmokkel, een andere zes jaar wegens verduistering van overheidsgeld en een derde vier jaar wegens medeplichtigheid.

Metershoge reclameborden, blanke vrouwen in beha. Veertigduizend standplaatsen telt dit oord, en je kunt er alles kopen, van nagelknippers over handtassen en kleren tot rugzakken en matrassen. Afdingen is geboden, maar de prijzen van deze vooral uit de oostelijke provincie Zhejiang afkomstige goederen zijn laag. Lokale producten zijn nauwelijks te vinden: De stad en zelfs de hele provincie staan bekend om hun bureaucratische muggenzifterij en hun laattijdige privatisering, waardoor weinig zakenlui de voorbije jaren zin hadden om er te investeren.

Opmerkelijker nog dan de selectie aan koopwaar zijn de mannen en vrouwen die ze verkopen. Werklozen uit de staatssector zouden wij hen noemen, maar in China uit dat fenomeen zich in een Babylonische spraakverwarring.

Men heeft het vooral over 'xiagang' het verlaten van zijn functie , maar ook over 'changqi fangjia' lange vakantie , 'tiqian tuixiu' vervroegd pensioen, voor niet eens veertigjarige vrouwen en mannen die jonger zijn dan vijftig of 'daiye' wachten op werk.

Je leest in de kranten dat de werkloosheid hier 3 procent bedraagt. Het grapje gaat dat ze gewoon het nulletje erbij vergaten. En misschien is het niet eens 30 maar zelfs 40 procent. En de concurrentie wordt almaar groter. Zelfs de mingong boeren die van het platteland naar de stad trokken op zoek naar werk huren nu in groten getale standplaatsen, omdat ze elders in de stad niet meer aan de bak komen.

Jonge mannen en vrouwen die hun dorpen verwisselden voor de talloze bouwwerven, en in het slechtste geval voor de straathoeken van de stad. Dat laatste houdt uren- en vaak zelfs dagenlang wachten in op een tijdelijke werkgever, met een bord om de nek dat hun nut aangeeft. Aan de ingang van het Lu Xun-park staan er honderden. Koks, chauffeurs, elektriciens, schoonmaaksters en bejaardenverzorgers. Zelfs al hebben ze het erg moeilijk, zij willen geen gezichtsverlies lijden en herkend worden door hun buren of kennissen.

Deze lieden hebben cultuur noch trots. Ze zijn gewoon bang voor het harde werk op het land en pikken schaamteloos onze banen in.

Men zou hen moeten repatriëren, maar dat gebeurt niet. U hebt het verhaal misschien gelezen over die mingong-voorman in Guangdong die ermee dreigde van een wolkenkrabber te springen als hij en zijn mensen hun al maanden niet meer betaalde loon niet ontvingen.

Dat gebeurt ook hier, en het probleem is dat je meestal geen kant op kunt. Op de politie hoef je niet te rekenen, die maakt je alleen het leven zuur, en verwacht vooral geen sympathie van de stedelingen, wier arrogantie en meerderwaardigheidsgevoel vreemd genoeg niet worden aangevreten door hun lege beurzen. Ach, het leven van ons, boeren, is altijd al bitter eten geweest. Uit een recent nationaal onderzoek dat door het persbureau Nieuw China werd gepubliceerd blijkt dat driekwart van deze 'gastarbeiders' problemen heeft met de betaling van hun loon en dat niet meer dan een op de vier mingong enig heil ziet in het aankloppen bij de overheid.

Shenyang heeft immers nog enige slagkracht: Een economisch bedreigde stad evenwel: Meneer Lu, die ons aan het station opwacht na een ronduit troosteloze treinrit van een uur, windt er nu al weinig doekjes om: Ten tijde van voorzitter Mao zijn er een paar fouten gemaakt, dat heeft men later ook toegegeven, maar het volk had werk en eten.

In een socialistisch systeem gaan fabrieken niet dicht en zitten moeders en vaders niet met de handen in het haar over hoe het morgen met hun kinderen verder moet. De officiële versie luidt dat de omschakeling naar de markt offers vraagt, maar wie nemen ze in de maling, denkt u? Maar hij weet het ook zo wel. Het komt immers neer op een eenpartijstaat waarin de burger dom wordt gehouden en geen recht heeft op een mening.

De partij doet maar en weet zich ongestraft. In andere landen zouden ze allang weggestemd zijn. Wie houdt nu individuen aan de macht die louter aan hun eigen beurs en belangen denken en geen tegenspraak dulden? Als we wantoestanden ongestraft zouden kunnen aanklagen, zou de situatie meestal niet dermate uit de hand lopen. Deze bureauchef Noordoost-China voor de pro-Chinese Hongkong-krant Wen Wei Po werd in december gearresteerd na de publicatie van verschillende verhalen over corruptie aan de top.

Hij was het die het schandaal uitbracht over de gewezen - en onderhand geëxecuteerde - vice-burgemeester van Shenyang, die voor 30 miljoen yuan aan overheidsgeld vergokte in de Macause casino's. Jian nagelde ook de vice-burgemeester van Daqing aan de schandpaal, die op kosten van het volk achtentwintig maîtresses van huizen en auto's voorzag. Maar toen hij de vuile was buitenhing over de ex-burgemeester van Dalian, die inmiddels gouverneur is geworden van die provincie, ging het mis.

Volgens Jian hield Bo Xilai corrupte verwanten en vrienden een hand boven het hoofd. Maar een dergelijke portrettering van een rijzende ster als deze kon de Partij schijnbaar niet gebruiken en dus werd Jian in september tot negen jaar cel veroordeeld wegens subversie en het lekken van staatsgeheimen.

Geen enkele Chinese krant heeft over Jians tragische lot bericht en toch weet meneer Lu ervan. In een nieuwsarm land als het onze heeft iedereen zo zijn kanalen", zegt hij.

Meneer Lu toert met ons langs Fushuns talloze trouble spots. De Donghu en de Xihu, open steenkoolmijnen waar mingong voor een hongerloon cokes bijeenzeven, de plaatselijke vuilnisbelt, waar bejaarden overleven door het verzamelen van flessen, metaal en nog eetbare stukken groenten en fruit. Of laat ik het anders zeggen: Sommigen zullen je vertellen dat het een kwestie is van mentaliteit. Ik was onlangs in Peking op familiebezoek, waar ik te horen kreeg dat wij noordoosterlingen niet voldoende initiatief nemen.

De tijden van de gegarandeerde welvaart der luieriken zijn voorbij, zei men daar. Een paar jaar geleden werden hier gelijkaardige overheidscampagnes georganiseerd. Versterk het eigen initiatief, leer je eigen boontjes doppen, daar kwam het op neer. Maar u mag mij vertellen hoe we dat zouden moeten aanpakken.

Het gros van de mensen heeft centen noch vooruitzichten, het is eindeloos schrapen om rond te komen. En dan zwijgen we nog over de slechte lucht hier, en de zwakke gezondheid van zovelen. Noemt u dat een mentaliteitsprobleem? De ter ziele gegane industrieën van Fushun hebben ontegensprekelijk een nefaste invloed op de gezondheid van de bevolking. Volgens een studie over luchtvervuiling van professor Xu Zhaoyi van het Liaoning Centrum voor Ziektepreventie en -controle zijn er in Fushun jaarlijks 2.

Per jaar worden 3. Een andere, door buitenlandse consultants uitgevoerde studie wijst uit dat in Fushun dagelijks 19 kilo cyanide, 17 kilo zware metalen en 19 ton olie in de rivieren terechtkomen, met een zware vervuiling van het - overigens steeds verder zakkende - grondwater tot gevolg. Van de iets meer dan twee miljoen inwoners van de stad en haar randgemeenten zijn zo'n De watervervuiling, aldus datzelfde rapport, zorgt voor een landbouwproductiedaling van minstens 10 procent.

Zeker even zorgwekkend is het feit dat meer dan een derde van alle akkers rond Fushun geïrrigeerd wordt met vervuild water, wat een verdubbeling veroorzaakt van het aantal kankergevallen en van het aantal baby's met misvormingen.

Maar ondertussen ploegt de boer voort. De jongste jaren is het gebruik van chemische meststoffen verdubbeld. Als niet wordt opgetreden zullen veel boeren hun waardeloze, overgepollueerde gronden verlaten en zal een soort van ecologische vluchtelingen ontstaan.

Reis naar de Benxi, de 'chemiehoofdstad van China', die van een dergelijke luchtvervuiling te lijden heeft dat je ze volgens astronauten vanuit de ruimte kunt zien.

Sla de beroemde Watergrotten over en haast je naar Bengang-Benxi Staal. Stank, stof, grauwe rookpluimen en spoorwegen. Immense industrieterreinen ook, vrouwen op fietsen met doorschijnende sjaals voor hun gezichten en mannen die lummelen en hardcore porno-dvd's keuren. Mevrouw Lu en Mevrouw Yi, twee dertigers die in de eerste reorganisatieronde van dit gigantische staatsbedrijf uitvielen, baten een restaurant uit aan de grote toegangspoort van Bengang.

Hun etablissement is zonder meer strategisch gelegen, maar toch is het aantal klanten beperkt. Zo gaat het overal: De boodschap wordt goed ingekleed. Het begint met een verlengd zwangerschapsverlof. Of spreken je moedergevoelens niet? Hard werk voor steeds minder. Iedereen moet de broekriem aanhalen. Een kom noedels na het werk, dat kunnen de meesten zich nog wel permitteren, maar daar worden we niet rijk van. Maar goed, voorlopig heeft Bengang tenminste nog genade voor onze echtgenoten.

Daardoor kunnen we in onze flats blijven wonen en vormen doktersbezoeken en schoolinschrijvingen geen grote problemen. De lucht is hier erg slecht, weet je, kijk maar naar onze huid. Ik ben ervan overtuigd dat we hier twee keer zo snel oud worden. Zelfs die nieuwe, dure crèmes uit de supermarkt helpen geen zier.

In het hele Liaorivier-bassin, dat de regio doorkruist, is de situatie dramatisch. Alle rivieren vallen in het door de Chinese overheid uitgedokterde classificatiesysteem dat overigens minder streng is dan de normering van de Wereldgezondheidsorganisatie in klasse vijf: Maar wie maalt daarom? Hoewel de eerste milieuwet in China dateert uit duurde het tot aan de dramatische overstromingen van de Yangtze in waarbij 3. Ook de problemen in Liaozhong zijn al enige tijd bekend.

Een Australische organisatie lanceerde eind jaren tachtig al een saneringsprogramma, maar haar aanbevelingen werden niet erg snel uitgevoerd. In het negende vijfjarenplan gaf de Chinese regering voor het eerst toe dat 4, miljoen mensen in Liaoning ondiep, vervuild grondwater als drinkwater hebben en dat het hele Liaorivier-bassin dringende aandacht nodig heeft 'wegens zeer gepollueerd'. Maar de economische consequenties daarvan en vooral het feit dat de legitimiteit van de macht van de Partij precies gestoeld is op ongebreidelde economische vooruitgang maken het treffen van harde maatregelen moeilijk.

Aan de groene gedachten van modale Chinezen hoeft men nochtans al vijf jaar niet meer te twijfelen. Een nationaal onderzoek in wees uit dat niet minder dan 57 procent van de bevolking de milieuproblemen 'heel ernstig' vond. Tegelijk meende 86 procent van de ondervraagden dat ze daar zelf niets aan konden doen en dat de oorzaak bovenal lag in het niet uitvoeren van de bestaande wetten. Meneer Smith, die als buitenlandse consultant meewerkt aan een saneringsprogramma, is het daar grotendeels mee eens.

Alleen pakt het vaak anders uit. Alle provincies en ook alle steden hebben hun eigen Milieubeschermingsbureaus, compleet met info- en klachtenlijnen waar burgers terechtkunnen. De milieuambtenaren horen grote vervuilers te beboeten, maar dat blijkt problematisch. Zo onderhouden de meeste bedrijfsleiders nauwe banden met de plaatselijke overheden, die hen een hand boven het hoofd houden. Bovendien zijn die overheden wettelijk verplicht om de schulden in termen van ontslagvergoedingen en dies meer van failliete overheidsbedrijven aan hun personeel over te nemen, tot die werknemers ander werk hebben gevonden.

Bijgevolg wordt voor een vervuilend bedrijf dat nieuwe werkgelegenheid schept graag een oogje dichtgeknepen. De maatregelen die ze nemen, zijn louter bedoeld om het Milieubeschermingsbureau tevreden te stellen. Zo bezochten we in Anshan enige tijd geleden een aluminiumsmelterij, waar de werknemers de hele dag giftige dampen inademden. Ik wees de baas op de enorme gezondheidsrisico's daarvan. Ze verplichten grote bedrijven tot de bouw van afvalverwerkingsinstallaties, die dan door 'vrienden' van hen worden ontworpen maar niet blijken te werken.

Daar malen bedrijfsleider noch ambtenaar om: Als ik mensen aan het verstand probeer te brengen dat ze over tien jaar in een woestijn zullen leven als ze de huidige waterverspilling en -vervuiling aanhouden, dan maakt dat geen indruk. Ik geloof dat dat met China's recente turbulente geschiedenis te maken heeft.

Wie de vele campagnes en de Culturele Revolutie '76 heeft meegemaakt weet dat alles prompt kan veranderen en dat deugdzaamheid vaak niet wordt beloond.

Daardoor ontstaat een 'après nous le déluge'-mentaliteit. Angstaanjagend, voor een land met 1,3 miljard mensen. Terwijl alle andere Moskouse journalisten die het conflict in Tsjetsjenië coveren, louter verhalen brengen over de strijd tegen de terreur en de heldendaden van de eigen soldaten, schrijft Anna Politkovskaja over de misère van de Tsjetsjeense burgers. Het Russische leger mishandelde en verkrachtte deze 'volksvijand', maar zelfs de doodsbedreigingen aan haar adres konden haar de mond niet snoeren.

Ze bekroonden de jarige Russische journaliste de voorbije jaren al met verschillende prijzen. Een moeder die nooit thuis is en die veel te veel risico's neemt, dat zeggen haar zoon 24 en dochter 20 over Anna Politkovskaja.

En voor de Tsjetsjenen, wier oorlog ze als een der zeldzame Russen eerlijk versloeg, is ze zowat de enige integere journaliste die Moskou rijk is. Geen wonder dat in oktober vorig jaar de gijzelnemers in het Moskouse theater op haar een beroep deden om te onderhandelen met de overheid. Veel haalden die onderhandelingen niet uit, en de schok die het gebruik van chemische wapens tegen de gijzelaars teweegbracht, haalde Politkovskaja een maand uit evenwicht.

Ze had de voorbije jaren nochtans genoeg gezien: Gespaard was ze zelf ook niet gebleven: En toch, zo vertelde ze deze week op uitnodiging van het Europese Parlement in Brussel, wil ze niet ophouden. Eerst moet er vrede zijn, zegt ze. We hebben dit alleen in het Stalin-tijdperk meegemaakt: Geen melding van overlijden, geen lijk, geen graf.

Zoveel verdwijningen, en geen gerechtigheid. Ik bracht de verhalen van de gewonde soldaten, de moeders die niets meer over hun ingekwartierde zonen hoorden, en de stromen Tsjetsjeense vluchtelingen die de militaire operaties tot gevolg hadden.

De hoofdredacteur wist dat ik veel vluchtelingen kende, hij vond dat het nu tijd werd vanuit Tsjetsjenië zelf verslag uit te brengen. De helft van de maand bracht ik daar door, de andere helft in Moskou, en dat maand na maand.

We hadden die formule gekozen omdat er in Tsjetsjenië zelf geen elektriciteit is. Ik kon dus wel schrijven, maar geen artikels doorsturen. Alleen in Ingoezië had je een fax, en die was dan nog eigendom van de secretaresse van de president.

Rusland wint dit, ik was er wel zeker van. Tsjetsjenië is immers een mini-staatje, tachtig kilometer van noord naar zuid en hooguit tweehonderd van oost naar west. Geen Afghanistan dus, maar een oord waar de zogenaamde jacht op terroristen geen kwestie van jaren kon zijn. Ik vertelde wat het betekende om burger te zijn in Tsjetsjenië, aan welke gevaren je voortdurend blootstaat.

Ik vroeg me in mijn artikels ook af wat het nut kon zijn van zoveel gewonde kinderen, van zo'n vreselijke misère alom. De reacties lieten niet op zich wachten. In oktober zei een van de Russische officieren aan een checkpoint in Tsjetsjenië dat hij me nooit zou doorlaten.

Anders zou je ons nooit zo besmeuren in je artikels. De rebellen hebben je omgekocht, je moest je schamen. Maar dat verhaal zou ik in eer en geweten nooit kunnen brengen. Immers, je hoeft niet langer dan een etmaal in Tsjetsjenië te vertoeven om in te zien dat dit gewone mensen zijn, geen ras van boeven en islamisten zoals onze propaganda het ons voorhoudt.

Dat er rovers zijn, dat klopt, maar die heb je in Moskou ook. Ik kan je zelfs tonen waar er wonen, in een flat vlakbij de mijne. Waarom bombardeert men onze buurten dan niet, waarom voor ons een ander recept dan voor de Tsjetsjenen?

Banditisme, terrorisme zo u wilt, zijn fenomenen die gerechtelijk moeten worden aangepakt. De Tsjetsjenen zeggen het ook zelf: Momenteel heeft Novaja Gazeta een oplage van 1 miljoen.

In het begin van de oorlog slonk het lezertal enigszins. De mensen wilden verhalen over slechte Tsjetsjenen en dappere soldaten, geen treurige relazen over onschuldigen die gemarteld worden. Dat ik me door de rebellen liet betalen, schreven velen, en dat ze me de mond moesten snoeren. Je verwart, zo schreven sommigen, laster met persvrijheid. En vanaf , een bijzonder hard jaar voor de Tsjetsjenen, is die perceptie ook geleidelijk veranderd.

Aangezien ik zowat de enige was die zich onder de bevolking in de dorpen begaf, werd ik vaak door radio- en tv-stations gevraagd om mijn mening te geven.

Ik gaf tal van lezingen en langzamerhand gingen mensen zich vragen stellen. Zie je, voor hen zijn alle mensen binnen zo'n zone waar ze een 'schoonmaakoperatie' uitvoeren een soort van biologische substantie. Ik merkte dat ze mij ook steeds meer als dusdanig gingen behandelen. En zo gebeurde het, op die februaridag in , in de bergen in het zuiden. Ik werd nabij een militair kampement gearresteerd. Een beroemd tv-presentator was getuige, hij maakte een repo met de soldaten.

Je hebt dit zelf gezocht. Of eigenlijk moet ik zeggen dat ik het lot deelde van diegenen die het overleefden. Ik ben me er goed van bewust dat een bekend journalist als ik anders wordt behandeld dan pakweg de jarige Tsjetsjeense schooljongen Mohamed. Niemand valt de overheid in Rusland lastig als hij verdwijnt. Hij geniet niet dezelfde bescherming als ik. Ik zei van niet. Dat ik een Russische belastingbetaler ben, hield ik ze voor, en dat ik dus persoonlijk financieel bijdroeg aan het leger.

Ik vind het een schande te moeten vaststellen dat jullie zijn ontaard tot een anarchistische boevenbende. In Moskou vonden velen dat ik ermee moest kappen, maar dat kon voor mij echt niet. Het was een principiële zaak, capituleren betekende de beulen gelijk geven, tonen dat ik te bang was om mijn werk te doen. En dus vertrok ik opnieuw. Ze zouden me wel vinden, zeiden ze. Ik had een officier die verschillende mensen had gemarteld en vermoord, en waar ik een stuk over schreef, tegen me in het harnas gejaagd.

Tijdens die reis had ik ook een gesprek gehad met het nieuwe hoofd van de federale onderzoekscommissie. Een erg constructief onderhoud: Dat stemde me optimistisch. Alleen, een uur na onze ontmoeting werd zijn helikopter opgeblazen. De Tsjetsjeense rebellen kregen de schuld, maar in het stuk dat ik daarover schreef, argumenteerde ik dat dat onmogelijk was. De militaire controle op die plek was daar veel te groot voor. Dit keer was het menens, ze zouden me hebben.

Hij kon mijn veiligheid niet garanderen, ik moest er een poosje uit. Dus ging ik in oktober naar Wenen, waar ik tot december zou blijven. Ik zou er werken aan het Instituut voor Sociale Wetenschappen en schrijven over Tsjetsjenië. Maar ik voelde me erg slecht in Oostenrijk. Uiteindelijk hebben zij gewonnen, vond ik, door mij monddood te maken.

Bovendien hadden mijn kinderen me nodig. En dus ging ik in december weer naar huis. Ik vond dat ik toch moest gaan. Immers, ons blad had verschillende keren geprobeerd om iemand anders te sturen, een man. Maar het is voor mannelijke journalisten haast onmogelijk om in Tsjetsjenië te werken.

Alleen als vrouw kun je je onder de burgers begeven, je als Tsjetsjeense vermommen en uit de klauwen van het leger blijven. Ze werd in door Amnesty International gelauwerd en in de herfst van vorig jaar wilde een Vrouwenmedia-organisatie in Los Angeles haar eveneens bekronen. Maar net toen ze naar de VS wou afreizen, deed zich in Moskou het gijzelingsdrama voor. De Tsjetsjeense gijzelnemers wilden maar één bemiddelaar: Anna Politkovskaja, de enige Russische, zo vonden ze, die te vertrouwen was.

Ik had in Tsjetsjenië verschrikkelijk veel lijken gezien, maar dat onze eigen, verkozen overheid bereid zou zijn om chemische wapens, gas dus, in te zetten tegen de eigen bevolking, dat had ik nooit kunnen denken. En dat er ambulances genoeg klaarstaan, en medisch personeel. Alleen voor de militairen was er tegengif, niet voor de burgers, wat verklaart waarom één gijzelaar op drie het drama niet overleefde. Bovendien is er in heel groot-Moskou maar één toxicologisch centrum, en dat heeft veertig bedden.

En toch trof men geen aanvullende maatregelen. Het gros van hen heeft zware medische problemen en ligt in het ziekenhuis. Om hoeveel mensen het precies gaat, weten we niet, want de dokters kregen het absolute verbod om de echte reden in hun dossiers op te nemen.

Officieel zijn dit allemaal 'slachtoffers van een gasprobleem in de eigen keuken'. De ironie wil evenwel dat wij in Moskou op elektriciteit koken en dat ook de verwarming centraal wordt geregeld.

Er komen dus niet zoveel ontploffingen voor bij het kokkerellen". Het leven van een burger is niets waard, zelfs niet als de aandacht van de hele wereld erop is gericht.

Twee dagen na de ontknoping zei een bekend parlementariër uit het pro-Poetin-kamp in een toespraak op de televisie dat 'het staatsbelang heeft geprimeerd'. We hebben ons niet laten verneuken.

In Moskou niet, in Tsjetsjenië niet. En de burger betaalde en betaalt nog steeds het gelag. Dat heeft veel mensen aan het denken gezet. De vergassing, maar evengoed het feit dat de Tsjetsjenen in het hart van onze hoofdstad zijn komen vertellen dat zij vrede willen, dat de oorlog geen seconde langer meer mag duren. Dat maakt indruk, want een der grondstellingen van onze propaganda is juist dat dat verdomde volk alleen maar bloedvergieten wil, dat het tot niets dan strijd in staat is.

Met die vraag, zo bleek uit de talloze lezersbrieven die ik ontving, worstelen heel veel Russische burgers. Sommigen schreven me dat ze nooit aan Poetin hadden getwijfeld, dat ze hem bewonderden om zijn efficiëntie, zijn slagkracht, zijn gezond verstand. Maar nu wisten ze het allemaal niet meer.

Wat kunnen we doen, vroegen ze me, we willen een anti-oorlogsbeweging opzetten. Eigenlijk is dat heel vreemd. Ik ben er dan ook van overtuigd dat als de overheid dit anders had aangepakt, het de Tsjetsjenen zouden zijn geweest die de schuld zouden hebben gekregen, en niet, zoals nu, de Russische staat. Ik was er in december nog, en hoop op 5 februari opnieuw in Grozny aan te komen. Eind vorig jaar sprak ik met tal van jonge Tsjetsjenen. Wat ze er nu van vonden, wilde ik weten.

En tot mijn ontzetting zagen ze de gijzelnemers als volkshelden. Dat is ze drie dagen lang gelukt en dus zijn we trots op hen. We zijn er beiden van overtuigd dat zich een nieuwe intifada aan het ontwikkelen is.

Als we geen alarm slaan, krijgen we nog meer bommen, gijzelingen, aanslagen tout court. Europa moet ons, Russische burgers helpen, om het vredesproces op gang te trekken. Geen rode lopers meer voor Poetin, alsjeblieft. Deze maand verscheen in het Russisch haar nieuwe boek Tweede Tsjetsjeen, dat tegelijk in Duitse en Finse vertaling verschijnt, en waarvan ook spoedig een Engelse vertaling wordt verwacht.

Horrorverhalen over boerka's als ultieme instrumenten van vrouwenbeteugeling gingen de Amerikaanse militaire campagne in Afghanistan vooraf. Als de Taliban Afghanistans vrouwen terug naar de Middeleeuwen katapulteerden, dan moet hun onttroning wel de terugkeer inluiden van moderne, geëmancipeerde tijden? Acht Afghaanse vrouwen, van dokters en bedelaars tot boerinnen en vluchtelingen, plaatsen grote vraagtekens bij die stelling. Ze vertellen de verhalen van hun leven, hun land en zijn eeuwige oorlog.

Catherine Vuylsteke, Foto's Tineke D'haese Vrouwen zijn in een land als Afghanistan wel vaker de inzet geweest van een conflict. In de jaren twintig van de vorige eeuw wisten de grootgrondbezitters de mollahs tot een opstand tegen de koning te bewegen omdat deze de vrouwen wou ontsluieren, terwijl hun eigenlijke doel het tegenhouden was van de geplande landhervormingen. Eind jaren zeventig namen duizenden godvruchtigen andermaal de wapens op, toen het communistische regime ging wrikken aan de traditionele positie van de Afghaanse vrouw.

En vorig jaar waren het de Amerikanen, die de abominabele situatie van 's lands vrouwen aanwendden als legitimatie voor het gebruik van clusterbommen. Een onmenselijk regime als dat van de Taliban, dat zijn dochters, zusters en echtgenotes onderwijs en medische zorg ontzegt en dat hen gezichtsloos maakt achter bleekblauwe nylon chadari's of boerka's, daar moest het Westen toch tegen optreden, zo ging de redenering.

Het is nochtans een oud zeer. Ook voor de oorlog 23 jaar geleden begon, bevond niet meer dan drie procent van alle Afghaanse meisjes zich op de schoolbanken.

Daar zouden heel wat meer levens nodig voor zijn. Vijfenveertig jaar lang stond ik zes dagen per week mensen te woord die op zoek waren naar zichzelf. Denk nu echter niet, dat ik op grond van die ervaring mezelf heb leren doorgronden. Ook ik ken mezelf nog maar een heel klein beetje. Vooral wanneer je van iemand houdt, is het onmogelijk om jezelf voor die ander te verstoppen.

Soms is dat een zo angstaanjagende ervaring dat je het als een verwonding beschouwt. Vooral in je jeugd bestaat leren voornamelijk uit nadoen. Van meet af aan leer je je te gedragen zoals je omgeving dat van je verwacht en verlangt. Als klein kind zie en hoor je slechts het voorbeeld dat grote mensen jou met de beste bedoelingen geven. Hun gedrag ten opzichte van jou vormt aanvankelijk je enige richtlijn en houvast.

Aan de lopende band duwen ouders en andere opvoeders hun normen en waarden er bij je in. Hun frustraties, verwachtingen en idealen projecteren ze daarmee op jou. Daar ben je als klein kind uiterst ontvankelijk voor. Want dat begint al voordat je je er ook maar een beetje tegen kunt verweren. Allemaal proberen ze iemand anders van je te maken, naar hun beeld en gelijkenis.

Dat begint al als familieleden zich over de wieg van een pasgeborene buigen en zich afvragen op wie van hen het kind het meeste lijkt. Ik kon het dan niet laten om de hoop uit te spreken dat de kleine vooral op zichzelf zou blijven lijken. Want voor je het zelf in de verste verte ook maar een beetje in de gaten hebt, raak je al van jongsaf aan door opvattingen van anderen ondergesneeuwd en maak je jezelf gedragingen eigen die zij van je verlangen.

Van hen mocht je van het begin af aan eigenlijk niet of nauwelijks zijn zoals je in wezen bent. Die indruk versterkt hij door daarna een korte pauze te laten vallen, een fractie van een seconde slechts, maar net genoeg voor hem en de ander om zich nog even mentaal vrij te maken voordat het kontakt uit de startblokken schiet.

Zijn grijsblauwe ogen dwalen langs het plafond terwijl hij aandachtig naar de ander luistert. Na minder dan een minuut weet hij genoeg. Kennelijk wordt dat niet meteen begrepen, want vlak daarna herhaalt hij op precies dezelfde toon: Daar moet de ander het mee doen. Nadat hij de telefoon neerlegt, merk ik op: Zo ging het hier om een mevrouw die voor haar werk voortdurend met bedenksels moest komen die anderen graag van haar hoorden.

Uiteindelijk werd ze daardoor ziek van zichzelf. Inmiddels probeert ze weer overeind te krabbelen. Dat leek haar aardig te lukken, maar nu probeerde iemand haar onverwacht onderuit te halen. Het woord vellen leende zich er voor mijn gevoel als geen ander toe om nu ook bij haar een gezonde dosis moordlust aan te wakkeren. Volstrekt onaangedaan pakt hij daarna de draad van ons gesprek weer op. Hoe meer je je aanpast, des te meer verdring je de natuurlijke oorsprong  van jezelf.

Dat voltrekt zich stapje voor stapje en beetje bij beetje. Op een gegeven moment weet je niet beter en ben je een meester geworden in het verdringen van jezelf. Op die manier raak je eraan gewend dat je niets meer van je eigen woede merkt. Tenslotte denk je zelfs dat je woede helemaal niet bestaat. Er is weinig reden toe om plezierige ervaringen te verdringen. Je verdringt uitsluitend gevoelens die je als onaangenaam beleeft. Door te verdringen probeer je jezelf af te schermen voor pijnlijke gewaarwordingen, vlucht je voor de harde kanten die het leven met zich brengt.

Verdringen is uiterst verleidelijk: Men duidde die periode aan als de jaren des onderscheids en beschouwde dat als een soort grote schoonmaak aan het eind waarvan je tot jezelf kwam. In die jaren leerde je het verschil zien tussen dat wat authentiek van jou was en dat wat je klakkeloos van anderen had overgenomen. Dit laatste werkte je er tussen je 25 ste en 35 ste zoveel mog elijk uit. Ik ervaar hen ook als mijn kleinkinderen. In mijn kontakten met hen komt het hoogst haalbare tot zijn recht wat een mens zich kan wensen: Daar beleven mijn kleinkinderen net zoveel plezier aan als ik".

Hij kon nog amper lopen. Op de drempel zei ik alleen maar: Ik zal nooit de blik vergeten waarmee hij toen naar me keek. Maar het mooiste van alles was: Een paar jaar later vertelde hij me dat hij op school voortdurend door een ander jongetje werd gepest. Ik gaf hem de verzekering: Die boodschap heeft hij de dag daarop letterlijk aan dat andere jochie overgebracht. Volwassen worden doet namelijk pijn en dat verdringen we liever, als het even kan. Jezelf afschermen voor pijnlijke gevoelens werkt echter niet zo goed.

Je ontregelt je hele systeem als je een stukje van je persoonlijkheid wegduwt. Gevoelens die je jezelf hebt ontzegd, schieten dan af en toe toch tevoorschijn, bijvoorbeeld als je vermoeid bent of een glaasje teveel op hebt. Je emoties kunnen dan losbarsten en op die manier ontsnappen.

Daar word je dan door overrompeld, omdat je je ware gevoel niet goed meer kent. Opeens herken je jezelf even niet meer, heb je aan jezelf niet meer genoeg en grijp je wanhopig naar averechts werkende hulpmiddelen als drug en drank.

In al die jaren dat je jezelf hebt leren aanpassen, heb je — meestal op een pijnlijke manier — geleerd dat bepaalde emoties en gedragingen niet horen. Verdringing kan ontstaan als gevolg van een trauma, een op zichzelf staande, zeer pijnlijke gebeurtenis.

Maar het kan er ook in sluipen omdat je, geheel of gedeeltelijk, door je ouders wordt afgewezen. Dat is het meest bedreigende wat je als kind kan overkomen.

Onder dat soort omstandigheden blijft er na verloop van tijd weinig meer van jezelf over dan een meestal lastig ontwarbare knoop van opvattingen en gedragingen die je voor een groot deel van anderen hebt overgenomen en die nog maar nauwelijks van jezelf zijn.

Dat stuk van anderen heb je jezelf echter eigen gemaakt. Je raakt eraan gewend en zelfs mee vergroeid. Het verklaart ook waarom je jezelf als mens pas echt kunt ontplooien wanneer je je ouders voorgoed en volledig achter je laat.

Freud kwam tot de slotsom dat de menselijke beschaving zich pas echt kon ontwikkelen nadat er voor het eerst een zoon zijn vader had vermoord. Dat hoef je niet letterlijk te nemen. In overdrachtelijke zin diende zich er ooit nog een voorbeeld van bij me aan: De vader bracht daar tegenin, dat het juist bij een dergelijke gelegenheid in de kern toch uitsluitend draaide om de relatie tussen hen beiden en dat die niet alleen volkomen los stond van en ook van een geheel andere orde is dan de relatie tussen de vader en de moeder of welke andere dame dan ook.

De zoon bezorgde onder druk van dit tegenargument zijn vader en diens nieuwe vriendin alsnog een uitnodiging voor de huwelijksvoltrekking en de receptie, maar bleef hen beiden weren van het daarop volgende diner en feest. Dat doen ze dus nooit en tenimmer. Een conflict los je niet op door te doen alsof het niet bestaat.

Het is je schaduw die maakt dat je jezelf voor de voeten loopt en met jezelf overhoop ligt. Het is dat deel van jezelf  waar je minder van houdt, maar eerder haat; waar je van vindt, dat het er eigenlijk niet had horen te zijn.

Je hebt moeite met dat stuk van jezelf omdat het op de meest ongelegen momenten de kop opsteekt en je in de problemen brengt; dat je bij tijd en wijle zomaar de teugels uit handen neemt, alsof je ten prooi valt aan een duistere kracht die sterker is dan jij en die je in de afgrond trekt.

Het is dat donkere stuk van jezelf, dat ervoor zorgt dat je dingen doet en zegt die je zelf eigenlijk veracht. Na verloop van tijd werd ze zelfs  bevangen door de stellige waan, dat ze ooit als een onecht kind te vondeling was gelegd en door die moeder van straat was geraapt. Pas op latere leeftijd vertelde ze dat tegen een jongere zus. Die bleek met hetzelfde idee rond te lopen. Pas toen drong tot hen beiden door dat dit vanalles over hun moeder zei en niets over henzelf. Met die weerstand maak je jezelf langzaam maar zeker kapot.

Zij maakt dat je gevangen raakt in een gevecht dat nooit valt te winnen, hoe slim, knap of sterk je ook denkt te zijn. Weerstand tegen je schaduw mondt erin uit dat je jezelf verwenst en vervloekt je, dat je jezelf inhoudt en niet meer durft te laten gaan; dat je wankelt en jezelf onderuit haalt; dat je over jezelf en je woorden struikelt. Daar vestig je steeds sterker de aandacht op. Je poetst je imago voortdurend zo blinkend mogelijk op in de ijdele hoop dat je jezelf daarachter kunt verstoppen.

Ik kreeg hier een jongedame op bezoek die een vergiet van zichzelf had gemaakt: Al pratend kwamen we er vrij snel achter wat de diepere oorzaak was: En op latere leeftijd deed ze daar nog een schepje bovenop toen ze om medische redenen een gynaecologische ingreep zonder verdoving moest ondergaan. Glimmend van trots had ze daarover verhaald hoe de chirurg haar keer op keer had gevraagd of ze het nog wel volhield en dat daarbij steeds meer zweet over zijn gezicht liep.

Het luchtte hem zichtbaar op toen ik hem voorhield: Wat je ook probeert om haar te verstoppen, ze wil maar niet weg. En hoe banger je voor je schaduwkant bent en hoe sterker je haar probeert te verdringen, des te harder doet zij zich gelden en keert zij zich tegen je.

Want je onderdrukt daarmee een wezenlijk stuk van jezelf. Dat vreet je laatste restjes energie. Je vreet jezelf op. Al pratend kwamen we erachter dat haar moeder haar in haar jongere jaren iedere keer de koektrommel voorhield  als ze ook maar even lastig dreigde te worden.

Ik kon alleen maar zeggen: Het duurde even voordat die mevrouw daar smakelijk om kon lachen. Soms heb je het lef — of dwingt een situatie je ertoe — om wat dieper in jezelf te duiken, daar even wat langer te blijven en kom je jezelf tegen.

Op die momenten hervind je je zelf. Je ontdekt hoe het voelt om te voelen; niet te doen alsof je wat voelt, niet te denken dat je wat voelt, maar voelt het echt alsof je eindelijk thuis komt - of op zijn minst op weg daar naartoe bent. Dat kan zo verfrissend werken, dat je daar wilskracht uit put om in de spiegel te kijken en je schaduw recht in de ogen te zien. Je kunt daarvan even van slag raken tot je je verzet opgeeft en je ook je donkere kant aanvaardt met de slotsom: Onderweg hier naartoe was ze in haar auto langs een terrasje gereden.

In het voorbijgaan had ze daar een groepje leeftijdsgenoten zien staan die met volle teugen van het leven leken te genieten. Dat maakte nogal wat bij haar los: Ik zei dat ik dubbel blij voor haar was. Allereerst omdat ze niet de daad bij het woord had gevoegd. Met die angst zet je je schaduw in de vorm van schaamte en schuldgevoel tussen jou en de anderen. Dat heeft een escalerend effect. Je raakt overgevoelig, waant je bedreigd, maakt jezelf tot speelbal van je omgeving, betuigt telkens weer spijt, betaalt voortdurend je leergeld maar komt nauwelijks meer vooruit.

In de Tweede Wereldoorlog had een oom zich onbeschaamd aan de Duitse bezetters verrijkt. Door er halsoverkop met een Canadese bevrijder vandoor te gaan had een tante in slechts ternauwernood kunnen voorkomen om als moffenhoer te worden kaalgeschoren.

En zijn eigen vader sloeg er bij het minste geringste op los; met onder meer als gevolg dat die meneer als een vechtersbaasje in het leven kwam te staan. Die vader deed iets in de techniek en bestempelde die meneer keer op keer verachtelijk tot de zoon met twee linkerhanden. In een poging om toch nog een beetje goedkeuring van zijn pa te verwerven, stortte die meneer zich van de weeromstuit ook op de techniek. Hij sloopte hele motorblokken uit elkaar en maakte die weer als nieuw.

Ook dat mocht hem echter weinig baten". Nadat de zoon naar eer en geweten antwoordde, dat hij daar nog geen enkel benul van had, pakte de vader er een boek voor varensgezellen bij en drukte hij het joch  met zijn neus op twee afbeeldingen uit het hoofdstuk over geslachtsziekten.

Op de een was het scrotum te zien van een man met ballen als meloenen en op de tweede werd een man getoond met grote zwerende syfilusgaten in zijn armen. Het duurde jaren voordat die meneer een meisje aan durfde te raken.

Het was alles bij elkaar dus niet zo vreemd, dat allengs de overtuiging bij die meneer postvatte, dat het kwaad ook hem in de genen zat.

Van lieverlede zocht hij zijn heil in allerlei drugs. Die had hij helemaal op eigen kracht weer achter zich weten te laten toen hij op een gegeven moment tegen mij zei: En hij klaarde meteen een stuk op nadat ik met een grote glimlach vroeg: Het is toch mooi dat we dat allemaal ergens wel een beetje van Moeder Natuur hebben meegekregen?

De vraag is alleen maar: Nadat hij zich als zoon eerst nog ondergeschikt maakt aan zijn vader met de vraag: In de  loop der jaren heb kreeg ik dat steeds beter onder de knie. Bij vlagen kwam het me aardig van pas dat ik in mijn jongere jaren altijd met veel plezier toneel heb gespeeld.

Er kwamen hier nog wel eens mensen over de vloer die eigenlijk wel heel graag hun hart bij mij uit wilden storten maar toch te bang bleven om zichzelf vrijelijk uit te spreken.

Hen maakte ik met een uitgestreken gezicht ijskoud wijs, dat ik in alle muren en ruiten van mijn spreekkamer een heel speciaal soort kooi van Faraday had laten inbouwen die bestand was tegen de meest geavanceerde afluisterapparatuur.

Dan ga ik met de ander dwars door diens hel. Aanvaarden blijkt dan een doorslaggevend verschil uit te kunnen maken. Dat bleek bijvoorbeeld bij herhaling bij mensen die aan een vergevorderd stadium van kanker leden. Dat bleek bijvoorbeeld toen een  mevrouw mij belde om te zeggen dat haar echtgenoot zijn afspraak met mij niet kon nakomen omdat hij met zijn auto een voor hem fatale verkeersfout had gemaakt.

Verbijsterd voegde ze er nog aan toe, dat ze totaal niet begreep hoe dat had kunnen gebeuren omdat hij altijd zo bedachtzaam reed. Dat laat namelijk niet met zich spotten. In de vakliteratuur zijn een paar gevallen bekend waarbij het onbewuste in zijn geheel de overhand nam.

Die mensen eindigden ongeneeslijk krankzinnig. Eerst was je nog slechts in gevecht met jezelf. Dat kon je alleen maar verliezen. Toch gooide je daar nog een schep bovenop: Overhoop liggen met jezelf mag dan in eerste instantie iets strikt persoonlijks zijn, het werkt wel degelijk door in je zaken. Want wie zet er nu geld op een Jumbo-jet met een tijdbom aan boord?

Pas dan tel je als mens — en niet alleen zakelijk gezien — volwaardig mee. Zakelijke relaties beperken zich tot de vraag hoe beide partijen er beter op kunnen worden en zijn daarom een stuk eenvoudiger dan persoonlijke betrekkingen, want die omvatten alles wat zich maar aandient. Een sprekend voorbeeld daarvan blijft de man die als directeur van een groot bedrijf alles keurig op orde had, maar wiens echtgenote hem iedere ochtend zo hard naschreeuwde dat de buren ervan mee konden genieten: Gaat ie weer de grote baas uithangen!

Het is in de verste verte niet iets dat zich automatisch aan je voltrekt als je een bepaalde leeftijd bereikt. En je wordt ook niet volwassen alleen maar omdat je dat wilt.

Je kunt alleen maar volwassen worden nadat je uit jezelf, uit eigen vrije wil en op eigen kracht, een punt zet achter je jeugd - en daarmee achter elke vorm van zelfbeklag, zelfverwijt, zelfmedelijden, zelfverloochening, zelfbedrog en zelfvernietiging. Volwassen worden verdraagt geen langzaam afbouwen, onnodig rekken of illusies waarmee je je leed denkt te kunnen verzachten.

Ergens voorgoed een punt achter zetten doet nu eenmaal de nodige pijn. En een puntkomma is al evenmin op zijn plaats: Een vraagteken is ook nergens goed voor.

Met vragen en twijfels verander je niks, zak je slechts dieper weg en kom je er zeker niet uit. En ook met een uitroepteken schiet je niets op. Eentje maar, meer niet. Geen puntje puntje puntje dus. Geen uitstel van executie meer. De prullenbak in met je roze bril en het raam uit met alle bakerpraatjes en ouwewijvenpraat. Ook je schaduwzijde heb je niet voor niks. Beschouw ook die donkere kant als een wezenlijk onderdeel van je persoonlijkheid.

Laat de weerstand tegen jezelf varen. Die weerstand heb je niet van jezelf. Daar werd je niet mee geboren.

Die weerstand is er van buitenaf door anderen ingestopt. Het is in je eigen belang wanneer je daar wat minder tragikomisch mee om leert te gaan. Neem jezelf niet langer in de maling. Leer met andere ogen naar jezelf kijken. Vraag jezelf gerust af: Duik maar eens diep terug in jezelf, buig jezelf over degene die je oorspronkelijk was.

Hervind in je oorspronkelijke kern het houvast om onvervaard vooruit te kijken. Luister hierbij naar wat je schaduwkant je te zeggen heeft: En bang word je niet voor niks. Luister dus goed naar je angst. Zij vertelt je hoe sterk de krachten zijn die in je leven. Je zult er je handen aan vol hebben om die telkens weer in de door jou gewenste banen te leiden.

Hoe sterk de krachten echter ook zijn waarmee je ter wereld kwam, dit betekent nog niet dat ze je ook maar één moment de baas hoeven te worden. Pas dan kunnen ze in je voordeel werken en krijg je de diepgang die echt bij jou past. Kom uit je schulp. Vecht niet langer tegen jezelf en je zult zien: Daarbij gaat het niet om een statisch vermogen, maar om een samenstelsel van levende krachten die je kunt ontwikkelen en die dan de motor vormen achter je groei.

Je wordt pas echt volwassen wanneer je jezelf tenvolle aanvaardt. Met het vermogen om te voelen is iets bijzonders aan de hand. Het woord vermogen duidt normaliter een kracht aan die pas echt haar werk begint te doen als je leert hoe je haar doelgericht tot ontwikkeling brengt.

Dat is met voelen nergens voor nodig. Voelen we niet te leren. Het vermogen om te voelen is van meet af aan volledig ontwikkeld en werkt meteen feilloos en volstrekt betrouwbaar. Denken leren we daarentegen later pas. Slechts een beperkt aantal primaire gedragingen is aangeboren, maar voor het grootste deel hebben we te leren hoe we ons hebben te gedragen.

Het leven zelf geeft dus duidelijk aan dat ons gevoel ons eerder ten dienste staat dan ons denken en ons gedrag. Die volgorde wordt in de loop van een leven nogal eens op zijn kop gezet. Zonder gevoel zouden we een stuk van de realiteit missen, ons gedrag op onvolledige informatie baseren en niet kunnen overleven. Gevoeligheden zijn van invloed op de manier waarop kontakten met anderen verlopen.

Samenwerking verloopt beter naarmate je gevoelens serieuzer neemt. Effectief leiding geven veronderstelt dat je de gevoelens van anderen bevestigt. Het baren van een kind is echter geen menselijke verdienste; konijnen kunnen dat ook. De angel zat voor mij vooral in dat woordje schuldgevoel. Dat woord klopt namelijk niet. Schuld staat haaks op welk gevoel dan ook. Die wordt door anderen weerspiegeld en zo ontdekken we hoe we gevoelens kunnen nuanceren en delen.

De mate waarin we gevoelens toelaten verschilt van persoon tot persoon. Onaangename gevoelens roept de neiging op om ze te onderdrukken. Dat vergt energie en gaat ten koste van het kontakt met anderen. Verdrongen gevoelens werken ondermijnend omdat je er dan geen vinger mee op kan leggen. Gevoelens die expliciet worden gemaakt, zijn eenvoudiger te hanteren.

Gevoelens en gedachten geven vaak verschillende impulsen af. Dit roept gemengde gevoelens en spanningen op. Maar juiste keuzes worden uiteindelijk toch telkens weer op basis van gevoelens gemaakt. Onder mijn dak werd veel gehuild, maar minstens evenveel gelachen. Huilen en lachen zijn betrouwbare uitingen van het gevoel. Je verstand stelt je in staat om te denken. Dat doe je met je hersenen en speelt zich dus van binnen bij je af.

Met je verstand bouw je denkbeelden op. Die zijn logisch en rechtlijnig, maar meer ook niet. Met je denken interpreteer je de werkelijkheid. Denken levert normen en waarden op; vertelt je hoe je behoort te gedragen. Denken reikt aan één stuk door keuzemogelijkheden aan en verschaft nooit echt houvast. Met je denken kun je alle kanten op.

Dat laat de geschiedenis van de wetenschap zien: Hoe intelligenter mensen zijn, des te beter zijn ze in staat om op de proppen te komen met bedenksels waarmee ze hun gevoelens naar het tweede plan blijven verschuiven. Ik heb hier dus nogal wat smoezen, uitvluchten en dooddoeners het raam uitgewerkt. Met vragen of ze ergens verstandig aan deden waren mensen bij mij aan het verkeerde loket. Ik had er slechts aandacht voor hoe handig of onhandig ze omsprongen met hun eigen gevoelsleven en met dat van anderen".

Gedrag is naar buiten gericht. Het is het  waarneembare resultaat van de combinatie van gevoel en verstand die zich allebei van binnen bij iemand afspelen.

Gedrag kent talloze verschijningsvormen. Gedrag staat sterker dan gevoel en verstand onder invloed van dat wat in de omgeving als gangbaar wordt aanvaard. We beoordelen elkaar op al dan niet verstandig gedrag. Zolang je je gedrag en verstand hoger waardeert dan gevoel, leg je jezelf fundamentele beperkingen op: Ook de medische wetenschap is lang wars van gevoelens geweest.

Zo schrijven artsen in de regel nog steeds meteen medicijnen voor wanneer iemand ergens allergisch voor blijkt. Dat is nergens voor nodig en ook nergens goed voor. Dan is de emotionele ontwikkeling dus ergens uit het lood geslagen, want we komen allemaal ter wereld  met precies de hoeveelheid gevoel die we nodig hebben. Maar zo gauw goeie bedoelingen opduiken, kun je beter meteen extra op je hoede zijn. Uit dergelijke uitspraken spreekt een immense angst voor gevoelens.

En er valt tevens uit af te lezen hoezeer ze hun eigen gevoelens onderdrukken. De nadelige gevolgen daarvan zijn telkens weer te zien als ze gevoelige kwesties ter hand nemen.

Mensen zijn beter uit met iemand zoals die hoogste baas van een groot concern die na een presentatie volstond met: Wie dit laatste als een doel op zich nastreefde, kwam bij mij van een koude kermis thuis.

Ik kon alleen maar mensen zinvol begeleiden wat hun bekendheid betrof als ze dat zagen als een voortvloeisel van datgene waar ze voor stonden. En zelfs daaraan zijn grenzen gesteld. Iedere psychotherapeut, die hem als cliënt had aangenomen, had net zo goed meteen zijn praktijk kunnen sluiten, want zou binnen de kortste keren onder de voet zijn gelopen door lieden die er alleen maar op uit waren geweest om koste wat kost een glimp op te vangen van wat de prins daar besprak.

Want telkens wanneer je uit hoofde van je werk en je prestaties naar voren treedt om de stand van zaken op jouw terrein toe te lichten, maak je ook iets van jezelf bekend. Dat kan zakelijk lonend zijn en de voldoening opleveren dat je door anderen wordt gezien en gehoord. Bekendheid pakt echter uitsluitend positief voor je uit wanneer je ook de negatieve kanten ervan op de koop toeneemt. Alleen dan kun je leren om er goed mee om te gaan. Zo leerde een cricketcoach mij al jong: Til dan je slaghout op ten teken dat je ze hebt gehoord, maar kijk ze nooit aan.

Het vergroot de kans dat je wordt besprongen door anderen, omdat jij de rol speelt en de waardering ontvangt, waarvan ze zich inbeelden dat die hen eigenlijk toekomt. Ze projecteren dan hun eigen aanpassingsproblemen en ondergeschiktheid op jou door zich aan je op te trekken of zich tegen je af te zetten. Hoe bekender je wordt, des te groter is de kans dat je openlijk in conflict raakt met collectieve opvattingen.

Dat kan je uit je evenwicht slaan. Niet zelden roept dat ook in je directe omgeving extra spanningen op. Dit kan gepaard gaan met aanpassingsproblemen, verhoogt je kwetsbaarheid, verkleint je bewegingsvrijheid en vergroot de kans dat je je afzondert en afsluit.

Hij vertelde me, dat hij dat als een weldadig warme douche had ervaren. Maar in de media werd het even later rond zijn persoon weer net zo stil als voorheen. Dit liet hem zitten met het gevoel alsof hij opeens helemaal niets meer betekende.

Dat kon hij zo slecht verstouwen dat hij naar de fles greep. Nieuwe negatieve ervaringen kunnen je bestaande huiver rond je bekendheid versterken  en ertoe leiden dat je je nog meer isoleert. Dit kan uitmonden in een overwegend negatieve houding ten opzichte van je eigen bekendheid. Daar beleef je dan geen enkel plezier meer aan. Ten einde raad was hij samenwerking met bekendheden steeds meer gaan mijden. Van zijn huis had hij in feite een mausoleum gemaakt. Dit werkte zakelijk niet in zijn voordeel.

Zelfs het meest perfect georganiseerde en knapst bedachte imago blijft zo dood als een pier zolang het niet door jou, als mens, tot leven wordt gebracht. Wat mij betreft kwam het er uiteindelijk allemaal op neer hoe mensen autonoom zo bekwaam mogelijk met hun eigen bekendheid om leerden te gaan. Het verschafte me telkens weer energie door een ander een uur lang mijn onverdeelde aandacht te schenken.

Ik kwam pas weer bij in een ziekenhuis. Daar kreeg ik te horen dat ik op een haar na een acute aanval van suikerziekte had overleefd. Een week later zat ik weer achter mijn bureau en hervatte ik mijn praktijk. Dat liet ik nog wel eens weten wanneer iemand op het punt stond om het zichzelf onnodig moeilijk te maken. Om mijn taak goed uit te kunnen voeren, was het bewaren van de nodige afstand vereist, want mij ging het er slechts om dat de ander ook los van de relatie met mij vrij en zelfstandig de volle verantwoordelijkheid nam voor zijn of haar eigen leven.

Bovendien bracht ik elk uur in rekening en liet ik na afloop de ander weer onmiddellijk aan diens lot over. Naast liefde bracht ik daarmee ook een afgeleide van haat in het spel. Met psychotherapie kun je alleen maar resultaten boeken zolang het stoelt op die mengeling van liefde en haat. Vriendschap met cliënten was voor mij volstrekt uitgesloten. Als een van hen zich zelfs maar als lid op mijn tennisvereniging had aangemeld, had ik meteen mijn lidmaatschap opgezegd.

Voor zover mensen mij als een vaderlijke vriend beschouwden, kwam dat alleen maar omdat ik daarvan mijn beroep had gemaakt. In werkelijkheid kon ik voor hen nooit meer zijn dan een vakbekwame vaderfiguur die per uur te huur was. Diezelfde avond werd er aangebeld. Maar de bel bleef net zo lang rinkelen tot het mijn onderhuurder teveel werd en die de deur alsnog opendeed.

Er stond een meneer die mij al jarenlang raadpleegde en met wie ik een afspraak bleek te hebben. Mijn onderhuurder vertelde hem wat mij overkomen was en gaf hem te kennen dat ik hem onmogelijk te woord kon staan.

Vanuit mijn slaapkamer hoorde ik, dat zelfs toen die meneer het nog niet kon laten afweten. Dus hees ik mij zo goed en zo kwaad als dat ging overeind en schuifelde ik voetje voor voetje in mijn pyama naar het trapportaal om hem er zienderogen van te overtuigen dat hij iets onmogelijks van mij verlangde.

Ik kon alleen maar kreunen: Hij riep me slechts vertwijfeld toe: U bent mijn vader! Fysiek heb ik nooit moeite met lozen gehad: Maar ik zou eraan onderdoor zijn gegaan gaan wanneer in emotioneel opzicht was blijven beklijven waar bezoekers mee aankwamen.

Ik heb hier diverse mensen gehad die na afloop van een consult bij wijze van afscheid aankondigden, dat ze zich toch maar voor de trein gingen gooien of van een flat af zouden springen. Ik kon ze slechts vriendelijk toevoegen: Daar keken ze nogal van op, maar bij mijn weten voegde geen van hen vervolgens de daad bij het woord. Dus, met alle respect: U vindt mij cynisch? Zoals elk ideaal zijn zij slechts bedenksels die getuigen van een onwerkelijke werkelijkheid.

Die constatering neemt de behoefte echter nog altijd niet weg. Die blijft zich richten op anderen van vlees en bloed. Met hen hopen we onze gevoelens zoveel mogelijk te kunnen delen. Maar onze primaire behoefte aan volledige aanvaarding blijft onvervulbaar. Dit levert in elke relatie frustraties op. Die proberen we zo goed en zo kwaad als dat gaat binnen die relaties af te voeren.

Mijn vak bracht met zich mee om tijdens elk consult de ander tegemoet te treden als diens constante, onverstoorbare en onverwoestbare metgezel. Ieder uur probeerde ik als een tijdloze held aan diens zijde te staan alsof dat voor de duur van zijn leven was. Aan mij mochten anderen afmeten hoe ver zij gevorderd waren op hun eigen pad en aan mij konden ze hun eigen gedragingen toetsen.

Ik luisterde naar hun woorden en sloeg ze scherp gade. Gelukkig was ik gezegend met een geheugen als een ijzeren pot, dus notities hoefde ik niet te maken. Dat zou me alleen maar hebben afgeleid van wat er in hen omging. Ik trainde mezelf voortdurend om één en al oor en oog voor hen te zijn, probeerde mij in hen te verplaatsen, respecteerde hoe ze in elkaar zaten en trad hen met open vizier tegemoet.

Ik verlangde niet van hen dat ze volmaakt waren, maar aanvaardde hun tekortkomingen. Ik bevestigde, bekrachtigde en versterkte hen waar ik maar kon.

Aan mij konden ze kwijt wat ze maar wilden. Ik trachtte consequent een discrete toeverlaat te zijn waar anderen onvoorwaardelijk op konden vertrouwen en rekenen. Als ze daarom vroegen, stond ik uit vrije wil meteen klaar om hen naar beste vermogen te helpen, schoof zonodig andere zaken opzij, regelde meteen wat maar mogelijk was. Ik maakte hen duidelijk  dat ze er zichzelf doorheen dienden te slaan, wat er ook gebeurde.

Ik volgde hen en zij mij. Ze deelden toppen en dalen met mij, lief en leed. We beleefden zowel mooie als lelijke dingen met elkaar. Ik zette mij vierkant in om hen te helen, te voeden en te beschermen. Ik streefde ernaar om hen in evenwicht houden en tot zichzelf te komen.

Liefdevol bood ik hen zoveel mogelijk veiligheid. Zo opgewekt, vriendelijk en innemend als ik maar kon trad ik hen telkens weer tegemoet om samen met mij te kunnen genieten van het licht in ons bestaan. Mijn vriendschap was voor geen goud te koop, maar ik vergde wel dat de ander en ik voortdurend in onszelf en in het kontakt met elkaar investeerden. Dat maakte een breed scala gevoelens bij anderen los. Als daar echt aanleiding toe was, deed ik mezelf zonodig te kort en cijferde ik me desnoods weg om hen er weer bovenop te krijgen.

Daar maakte ik zo min mogelijk woorden aan vuil. Mijn inbreng was moeilijk in woorden te vatten, want i k verdroeg geen algemeenheden, oppervlakkige kreten, bombastische rimram en ander slap gezwets. Diens gestalte heeft slechts een symbolische betekenis en komt in het echt niet voor. Maar juist daarom gaat hij nooit teloor. Ook voor mij was het geenszins weggelegd om dat droombeeld voor de volle procent te belichamen. Dat neemt niet weg dat je er naar kunt blijven streven om er zo dicht mogelijk bij in de buurt te komen.

En daar vind je hem pas wanneer je durft te aanvaarden dat je nooit volledig zal worden aanvaard. Met die feitelijke constatering zette ik de ander telkens weer stevig op diens eigen voeten neer en ontstond de ruimte voor elk van ons om ieder weer onze eigen weg te gaan.

Dat voert je door overgangen, of dat nu doorbraken of omwentelingen zijn. Bij elke afsluiting en voor elk nieuw begin geldt: Tijdens de oorlog begeleidde hij als kapitein van de koopvaardij vanuit Londen van die grote voedselkonvooien over de Atlantische Oceaan. Wij, zijn drie zonen, zaten hier in Holland met moeder opgescheept, de hele oorlog lang.

Na de bevrijding kregen we bericht dat hij weer naar ons toe kwam. Maar eerst arriveerde er een gigantische kist. Wij hadden net de hongerwinter achter de rug en dachten nog even: We hadden zo een tabakspeciaalzaak kunnen beginnen.

Pas de volgende dag bezorgde de posterijen een kleiner kistje. Daar zat etenswaar in voor ons. Een paar dagen later verscheen hij zelf. Met drie nieuwe Engelse fietsen voor ons, zijn zonen. En er zat ook een enorme asbak in. Die oma van mij was echt een monster. Dat mag u een groot woord vinden, maar ik zal het u aantonen.

Haar ene dochter dreef ze regelrecht op jonge leeftijd het graf in, want die maakte zelf een eind aan haar leven. En de andere, mijn suikertante, had ze zo onder de duim dat die tot in lengte van dagen tot een eenzaam bestaan gedoemd was, hoezeer ze haar kwaliteiten als mens en als lerares ook ontwikkelde. Mijn monsterlijke grootmoeder zat op haar oude dag vrijwel zonder enig inkomen.

Ze teerde vrijwel geheel op het geld dat mijn tante binnenbracht. Als mijn tante mij dan eens op een uitje wilde trakteren, moest ze haar moeder om geld smeken - haar eigen geld dus. En oma wierp dan uiteindelijk verachtelijk en kwaadaardig munten voor haar neer, op de grond. Na een van diens passages over het superieure Arisch ras vroeg mijn tante me zachtjes: En na afloop toonde ze me de gigantische hoeveelheden bier die achter het podium stonden opgeslagen en zei ze: Dit vereist, dat je ergens een punt achter zet.

Dat doe je niet voor de lol en nog minder om anderen te behagen. Door los te laten zet je zekerheden op losse schroeven. Net als lachen is huilen een manier die ons door de natuur gegeven is om het een en ander af te voeren.

Een huilbui is als het breken van het vruchtwater dat aan een geboorte voorafgaat. Het roept weerstand op wanneer je iemand of iets achter je laat waarmee je vertrouwd was geraakt.

Loslaten werkt als een tweesnijdend zwaard: In mijn ogen wordt leeftijd maar al te gemakkelijk misbruikt als een uitvlucht om niet volwassen te hoeven worden. Laatst wilde een mevrouw van 65 er de brui aan geven. Nadat ik tegen haar zei: Een paar mensen hielden daar zelfs aan vast nadat ik mijn spreekkamer buiten gebruik had gesteld. Om op subtiele wijze duidelijk te maken dat ze buiten de officiële speeltijd om een beroep op me deden, rekende ik hen voor die consultaties geen honorarium meer aan.

Door een enkeling werd dit echter anders uitgelegd dan in mijn bedoeling lag. Bij vlagen dreigde er een speciale, bevoorrechte status aan te worden ontleend; ging men zichzelf ten onrechte min of meer zien als mijn vriend en werd geprobeerd om de psychoananalyticus in mij naar het tweede plan te drukken. Door zichzelf uitzonderlijk te verklaren, gaf ze mij indirect maar onmiskenbaar aan dat ze graag een aai over haar bol van me wilde.

Ze keek redelijk beteuterd toen ik haar behaagziek noemde. Vervolgens zei ik tegen haar: Dit ijlt nog steeds in uw gedrag door en werkt niet in uw voordeel. En met mij is het eenvoudigweg zo: Ook deze consultatie verliep verder in uitstekende harmonie. Die mevrouw heb ik daarna niet meer gezien of gehoord. Tegen mijn dood zie ik niet op.

Daar ben ik al lang vertrouwd mee geraakt. Ik ben het grootste deel van mijn leven dagelijks vele malen een beetje gestorven. Telkens weer raakte ik een stukje van mijn kinderlijke illusies kwijt. Zoals een meneer die na een wandeling een lichte hartaanval had gehad. Cardiologisch gezien knapte hij daar al een tijdje weer helemaal van. Maar telkens als hij een stap buiten de deur deed, deden zich alle symptomen van die hartaanval weer voor. Hij had gedreigd bij haar aan te bellen met in zijn hand een shotgun waar hij naar eigen zeggen de loop vanaf had gezaagd en zij wist niet zo goed wat ze daar nu weer mee aanmoest.

Weet je wat hem uiteindelijk overtuigd heeft? Het dreigement om een knokploeg op zijn kantoor af te sturen. Maar het kwaad is geschied. Als ik nu met mensen praat die ik niet goed ken, vraag ik me altijd af of ze die clip zouden hebben gezien.

Ik observeer hun houding, hun lichaamstaal. Ben ik een van hen of een verwerpeling? Het zijn de nieuwsberichten die misleiden, over het inrichten van een vak homoseksualiteit aan de prestigieuze Shanghainese Fudanuniversiteit sinds bijvoorbeeld, of over de initiatieven van Li Yinhe, 's lands bekendste seksuologe.

Tijdens de zitting van het Nationaal Volkscongres in maart probeerde Li voor de derde keer een voorstel in te dienen tot legalisering van het homohuwelijk. Even leek het Rijk van het Midden ernstig te overwegen om de verschillende Europese naties te volgen die een dergelijke verbintenis al mogelijk maakten.

Li's voorstel werd evenwel niet besproken, ze kon niet eens de nodige dertig handtekeningen verzamelen, op een totaal van bijna tweeduizend afgevaardigden van het Nationaal Volkscongres. Maar ze haalde natuurlijk wel de kranten, waardoor er toch enige aandacht kwam. Maar de media, zij het alleen de buitenlandse, meldden ook andere dingen. Dat het eerste homocultuurfestival dat in december in Pekings kunstfabriek had moeten plaatsvinden, door de politie werd verhinderd.

En zelfs toen de organisatoren het evenement in miniversie in een café wilden laten doorgaan, omsingelden de ordediensten het etablissement nog voor het publiek naar binnen kon. Bovendien is het nog maar vijf jaar geleden dat homoseksualiteit als geestesziekte werd geschrapt. Daarvoor waren gedwongen behandelingen mogelijk. Volgens seksuologieprofessor Ruan Fangfu werd homoseksualiteit in plaatsen als de noordoostelijke miljoenenstad Harbin zelfs tot in de jaren 90 met elektroshocks verholpen.

Op voorwaarde tenminste dat ze de woorden van de confucianistische wijsheer Mencius 4de eeuw v. Die zei dat er "drie dingen zijn die onpiëteitsvol zijn, waarvan het niet hebben van nageslacht het ergste is". Mencius bedoelde specifiek zonen, dochters telden niet mee. Ze werden in de familiestambomen niet eens vermeld. Meisjes vertrokken bij hun huwelijk immers definitief en de kinderen die ze baarden golden als de zonen en dochters van de families waar ze introuwden.

Maar eenmaal als ze de vaders van hun zonen waren, mochten de edelen in China in hun slaapkamers uitrichten wat ze wilden. Pan Guangdan, de bekende antropoloog uit de precommunistische tijd die Darwins werken vertaalde, schreef zelfs dat de keizers van China's eerste grote keizerrijk, de Han v. Over 'de passie van de afgeknipte mouw' had men het toen, verwijzend naar het verhaal waarbij keizer Ai v. Pans collega Sun Cizhou schreef in zelfs dat Qu Yuan, de beroemde dichter uit de derde, vierde eeuw voor Christus, die de nog jaarlijks in China en Hongkong georganiseerde Drakenbootraces inspireerde, en die geldt als een van de meest deugdzame patriottische Chinese intellectuelen, het met de koning hield.

En in het zuiden van China, vooral in de provincie Fujian dan, kent iedereen Hu Tianbao. De legende wil dat de man zo verliefd was op een jonge, knappe functionaris dat hij hem tijdens het liefdesspel ging bespieden. Hu werd betrapt en bekocht zijn voyeurisme met de dood. De goden van de onderwereld hadden evenwel medelijden met hem, ze achtten de straf voor een dergelijke misdaad uit liefde al te hoog, en gaven hem een tempel in de provinciehoofdstad Fuzhou. Voortaan zou hij al diegenen die hem eer betuigden, kunnen helpen bij het vervullen van hun homoseksuele verlangens.

Zo ontstond er een echte cultus voor Hu Tianbao. En telkens als hij zijn kracht had bewezen, werd hij passend bedankt. Er werden hem varkensdarmen om de mond gesmeerd, vermengd met suiker.

Het ritueel wekte de verontwaardiging van de achttiende eeuwse hoge ambtenaar Zhu Gui, die de beeltenissen van Hu vernietigde.

Twee eeuwen eerder had de Italiaanse jezuïet Matteo Ricci, die 27 jaar aan het keizerlijke hof sleet, zich ook al bijzonder negatief uitgelaten over de openlijke homoseksuele praktijken. Er is geen wet die het verbiedt en geen mens die te beschaamd is om erover te spreken. De eerste wet die homoseksualiteit verbiedt, werd in van kracht, in een tijd van strikt confucianisme en rigoureuze sociale orde.

Een veel negatievere invloed had de Zelfversterkingsbeweging '94 , die de Chinese instituties aan het einde van het keizerrijk probeerde te moderniseren en liberaliseren naar westers voorbeeld, teneinde beter te zijn gewapend tegen het steeds imperialistischer optredende Westen. Vanaf het midden van de negentiende eeuw werd er veel westerse 'kennis' vertaald en onderzocht, het christendom kreeg grotere invloed en daarmee ook de homofobie.

De allerergste periode voor China's homo's, zo schrijven onderzoekers, was evenwel de Culturele Revolutie. Toen werden duizenden mannen die heimelijke relaties hadden met mannen als 'hooligans' opgepakt en naar werkkampen gestuurd.

We zouden enige jaren geleden nooit hebben geloofd dat oorden als het Kunmingse Lenteregentheehuis ongestoord travestieshows zouden kunnen organiseren. En dat zoveel kameraden er dagelijks terecht zouden kunnen. Maar de permissiviteit is afgemeten, ze strekt zich uit niet voorbij de voordeur van het etablissement. Hier binnen zijn Xiong, Xia en Yin zelfbewuste homo's, daarbuiten niet. Ze weten wel beter. China - The people's republic of Desire. They visited elderly peasants in their emptying villages in western China and accompanied rural migrants on their train journey to a better life.

In Kunming they talked with pimps and prostitutes, in Shanghai with the newly rich and in Beijing and Chongqing with impoverished city dwellers.

Chine - La république populaire du désir. Entre octobre et mai Catherine Vuylsteke, journaliste au quotidien De Morgen et sinologue, a effectué trois voyages en Chine, en collaboration avec les photographes Dieter Telemans, Tim Dirven et Jimmy Kets.

A Kunming, ils ont parlé aux souteneurs et aux prostituées, à Shanghai aux nouveaux riches, à Pékin et Chongqing aux citadins appauvris. China- Oorverdovende stilte - lees het eerste hoofdstuk uit Volksrepubliek van Verlangen. Vroeger bestond China alleen als ik stout en mijn moeder in de buurt was. Het was in het werkhok van opa dat ik er als zesjarige mee kennismaakte, op een zonnig, zondags familiefeest.

Ik herinner me mijn door moeder zelf genaaide jurkje nog, hoe stijf en onaangenaam de stof aanvoelde, maar vooral hoe het eerst wit was en later onvergeeflijk zwart. Het was een kwestie van luttele seconden, van noodlottig onoplettend roeren. In een kleverig blik teer waarmee dagen eerder de dakgoten waren ingesmeerd.

Later kwam China uit een vijver. Uit overmoed vooral, en achteraf beschouwd, ook uit onkunde aangaande longen en kieuwen. Ik meende dat ademen onder water een loutere kwestie van volhouden was, en concreet: Alsof het water buiten te houden zou zijn, en de zuurstof er zich wonderlijk uit zou weten te bevrijden.

Ik had mijn plan aan mijn ouders moeten voorleggen, ik weet het, maar aangezien ze zelf niet konden zwemmen en een eerder angstige attitude hadden jegens mijn niet zeldzame experimenten met de wereld en mezelf, leek dat onverstandig. Ik zou die dag in dat nauwelijks kniehoge, troebele water zijn verzopen als moeder me er niet, met de bekende verwijzing naar het Rijk van het Midden, had uitgehesen, aldus haar zondagse kleren verpestend.

Ik kon me bij China behalve lichte rampspoed en ouderlijke boosheid, niets voorstellen. Later werd mijn bewondering evenwel minder, veel minder. Aan moeders eeuwige haast en onzorgvuldigheid, wijt ik dat nu, en aan Artis-Historia, dat ons de allereerste blik gunde op een vijfde van de mensheid.

We hadden de punten voor het album gedurende lange, verwachtingsvolle maanden bijeengespaard, en toen het eindelijk, na ook nog een lange middag van moederlijk gefoeter en herhaaldelijke verbanning van de kroost naar de slaapkamer, in de boekenkast stond, viel het dik tegen. De bladzijden golfden van vochtigheid, de prenten klitten samen en gingen bij de derde inkijk al scheuren. China rook gewoon naar lijm en hield op te bestaan. Het is lang zo gebleven.

Zo lang dat ik er argwanend van werd. In de laatste jaren van de middelbare school, toen we in de zoveelste concentrische cirkel de verwezenlijkingen en blunders bestudeerden van Ramses, Roosevelt en alle voornamelijk mannelijke figuren en rijken die tussen hen in ploeterden, werd de stilte oorverdovend. Mijn vraag was er uiteindelijk een simpele: Het besluit om elders te kijken was genomen, dat om sinologie te gaan studeren lag in het verschiet.

Een kwart eeuw later is er veel en weinig veranderd. Artis-Historia ging op de fles, dat wel. Maar de culturele bijziendheid is gebleven en in sommige opzichten zelfs nog verergerd.

De modale journaalkijker kan u meer vertellen over het aantal ongevallen per maand op de snelweg, en wie het in de kneuterige binnenlandse politiek met wie houdt, dan over de kwesties die zijn of haar leven in dit geglobaliseerde tijdperk zullen redden, omgooien of verwoesten. Het China-discours lijkt nog vaak op een inplakalbum. Als 1,3 miljard mensen hetzelfde merk cornflakes zouden gaan vreten, hoe hard zou de kassa van deze of gene multinational dan wel niet rinkelen?

En zelfs als maar één procent van hen het spul zou lusten, dan nog zouden de managers in hun overzeese hoofdkwartier moeten overwerken. De massa, de kansen, de groei en het snelle geld. Als ze op Chinareis mogen, gebruiken ze niet minder maar juist meer langue de bois dan vroeger. De belangen van opgesloten journalisten, Falungong-beoefenaars, vakbondslui, boerenleiders, stichters van ondergrondse kerken, Oeigoeren, Tibetanen of van twee miljoen Soedanezen uit Darfur, moeten wijken voor de grote contracten.

Voor potentiële jobs thuis nu, en tevreden kiezers straks. China ruikt naar succes, ze bestaat als natie in de publieke opinie en in het westerse collectieve geheugen als weinig meer dan een ansichtkaart. Het is een oord dat doet dromen. Vroeger, zelfs betroffen de voorstellingen in zelfs verlichte geesten als die van Sartre, het socialistisch paradijs.

Nu gaan ze over een pas ontdekte, nouveau riche natie. Eén die zich in superlatieven laat definiëren, en die beseft dat de volgende eeuw haar toebehoort. China is een hyperbool van transformatie, een reus die te vrezen of te verleiden valt. Ik herken in die rêverieën evenwel het land niet in dat in de voorbije twee decennia mijn tweede vaderland werd. En dat ik, zowel voor reportages voor de krant De Morgen, als tijdens vakanties, haast jaarlijks bezocht.

Misschien heeft het gewoon met het verschil te maken, tussen lang kijken en dat blijven doen, en plots ontdekken. Een beetje zoals met kinderen: Hoe harder de peptalk aanzwelt, hoe meer ze me ergert en mijn gedachten doet afdwalen. China draagt het grauwste en het heerlijkste in zich. Tijdens elke reis, in de voorbije twintig jaar en nu nog. Ook tijdens de drie laatste trips, die ik tussen oktober en mei voor De Morgen maakte en waarvan dit boek in zekere zin de neerslag is.

Het is de China-hype die me tot die jongste reizen aanzette. Ze verdienen beter, ze verdienen bovenal gehoord te worden. Hoe luider het China-gekakel, hoe meer ik verlang naar mijn oude vrienden. Naar zij die bleven en zij die vertrokken maar uiteindelijk toch terugkeerden. Omdat ze een Chinese Muur in hun hoofd hebben, maar daar elders pas achterkwamen. En naar zij die wegbleven, en nu alleen nog naar China op familiebezoek gaan, zich keer op keer tomeloos ergerend aan de oppervlakkigheid en de geldzucht van hun vroegere vrienden.

Hun gevoelens voor het oude vaderland zijn dubbel geworden: Altijd weer verbazen ze zich over hoe veel en hoe weinig alles is veranderd. Zo is het, helemaal. Ik verlang ook naar de slechts matig succesvolle theater- en documentairemaker, die het filosoferen over zijn vaderland zelfs tijdens het bakken van noedels niet kan laten.

Grotere fortuinen, diepere ellende. Hij lachtte en meende dat ik hem wel gek zou verklaren, maar beweerde vervolgens toch dat totale persvrijheid werkelijk in instant burgeroorlog zou uitmonden. Ach, 30 jaar van maoïstische waanzin leverden niet alleen een gigantische achterstand op de rest van de wereld op, ze hebben ons tevens moreel uitgekleed.

God noch gebod heeft het overleefd, we zijn gehaast en de begeerte regeert. Welkom in de Volksrepubliek van Verlangen. China - What happens to the children of long term convicts in China? A series of houses is visible from behind the green iron gates. The vegetable gardens that surround them are dead and frozen at this time of the year. A dirt track goes past latrines with plastic-coated walls to a boiler room, a canteen and four identical bungalows that have recently been built with funds received from western companies and embassies.

Inside are a barely heated living room, two dorms for up to twenty kids, a laundry room and toilets that can only be used at night, and a small room for the live-in care provider. Seventy-six children have found a new home here.

From the outside, it resembles an ordinary Chinese school, ringing out with careless laughter and quarrelling voices in equal measure. I hear girls getting worked up about a hairpin and boys screaming in an dispute over the ownership of a football. Beneath all of this are the hushed-up stories of the adults that work here, tragic tales of mothers that were taken away in shackles, of women that simply disappeared when their husbands were put behind bars or of others that made their children witness horror scenes, condemning them to endless nightmares or incurable bed-wetting.

Blood, violence and, in most cases, guilt have a stranglehold on these lives. Some people became transfixed on images of blunt axes, of kitchen knives in the hands of the desperate or of bowls of rice laced with rat poison.

Others on the sight of unrecognisable family members - drunk, enraged, crying madly or having become motionless, stiff and cold. The inner layers are only rarely visible and even then only for those in whom the children confide. They consist of silence, sorrow, anger and an utter sense of incomprehension.

For they are not convinced of the nurturing effect of balancing dangerously above the gutter of the past in an often futile attempt to understand. Bie ku, guoqu jiu guoqu ba, is their mantra. For the first time, boys and girls, whose future became uncertain after their past was executed, did not end up on the streets but in mini-institutions. Four in total, with fifty kids in each of them. It is Big Brother Koen, as the kids call the equally idealistic and cuddly Belgian who works here, who saved the place.

He thought that money had to benefit the most needy, those that society and the state had spat out and removed from view. A lot had to be done. Visiting mum or dad in prison rarely happened and there was no psychological counselling to speak of.

That makes for some hard choices and, on top of that, success is not immediately guaranteed. International research comes up with similar conclusions. Yet Sevenants was unable to quit.

In the meantime, he redoubled his efforts to find donors amongst companies and he even managed to convince the governments of two Belgian provinces to commit to this project on a long-term basis. At the same time, he established confidential ties with the Chinese government that would enable him to launch three more pilot projects with youngsters.

Forty euros a month Miss Fang 50 hangs up the laundry next to bungalow number three, where she lives with some fourteen boys and girls of between three-and-a-half and seventeen years old. Fang took up this job four years ago, when the state factory, where she had worked for decades, closed its doors. A normal person can scarcely imagine what these boys and girls have been through, often at a very early age. I remember that time when the older boys had been playing with red paint in the old building where we used to live.

Seeing the red marks on the wall, one of the children fainted. It reminds her of that evening, when her mum hacked her father to death and made her hold the bucket to collect the blood. When they first get here, most children are very anxious but in the end they get to like this place more than their own family. They are consumed by feelings of hatred, towards those they hold responsible for ruining their lives.

The first children have come back from school. They say hello politely and take a good look at us newcomers. Finally, the most daring member of the group asks where we come from, which makes the others laugh nervously. They put their schoolbags in their rooms but keep their coats on all day.

There is no heating in the village primary school. I say I do and show him the three layers of clothing that have to protect me against the cold.

After lunch, the girls jump up and down with an elastic thread while the boys play football. It will be the first of many games that we teach each other. I want the children to talk about themselves but as soon as I enquire about the pros and cons of living at this centre, I get nothing more than silence, alarmed glances and a most dismissive body language. And indeed, why would they confide in me? The child of a prisoner herself There are few other confidentialities.

But then, what should you expect from boys and girls that have yet to learn their times tables? Still, at times, stories surface unexpectedly. It was an era of constant fear, ever unexpected blows and never-ending nightmares.

The outside world knew him as a quiet, friendly policeman. Only their neighbours and relatives ever saw his true face. For those that lived nearby, it revealed itself in the all too frequent, desperate cries of Kou and her mother, while the members of the family got to see the bruises with which their bodies were more often than not covered.

During all of my childhood, I found comfort in the arms of the woman next door. It is better, it goes, to destroy ten temples than to tear apart one family. She used to say that it would pass and that shit happens. I can tell that she considers it as being her fault. What would he do to her? The nineteen-year-old Kou was in the third year of university when the call came from her best friend. Could she come home? He had to talk to her. A couple of minutes later, her mum called, saying she had to leave for a training course.

It would be the last sign of her mother. The next time she saw or heard from her was seven months later, in court. During the following three days, her uncle would tell her afterwards, Kou was in a permanent state of shock.

However, my uncle explained to me that I was the only person who could save her life. During the trial, Kou took to the witness stand three times. She says in a stifled voice that a thousand people have signed a petition of sympathy for her mother, such was her popularity. The doctor is sentenced to a stay of execution, a measure which, according to Human Rights Watch, is applied in one in four murder cases.

It means that she gets two years to successfully prove her mental rehabilitation, two long years during which death is constantly lurking around the corner. For if your behaviour is not judged satisfactory, the bullet is still waiting and in the best-case scenario, twenty years will still have to be spent behind bars. But the pressure which my grandfather exerted was too overwhelming.

Two years and two months of silence: He said it would destroy her and that I had to maintain my composure. On weekdays, she works in the prison clinic and she teaches on Saturdays. She gets along very well with the prison authorities, to the extent that she can receive her daughter within the walls of her own cell, sometimes for over two hours.

The atmosphere is great, the food is terrific and the night is still young. With a television, that is, with an endless amount of channels, with mattresses into which they can sink deeply, and with unlimited amounts of boiling hot water. As a good host, the seventeen-year-old Zhang Xiangyu sorts out the most exquisite bits of food for us. She says she greatly admires journalists, reads every newspaper she can lay her hands on and definitely wants to become a writer later on.

A few days before, the accountant of the centre spoke of her as a model child. The boy has since been released, his mother still has more years to serve. Her friend Zhang Hao nods. Even children that are unwilling to go back to violent or totally undesirable family situations are being physically forced to leave with their family members. We therefore teach them how to make a phone call and provide them with some pocket money so that they can call us if need be.

But whether or not they manage to do so A couple of teenage girls want to know if Auntie likes dancing. Xiang Kepeng 16 has been given a special task. He says he feels honoured, which I can well imagine. Xiang is a softly spoken, quiet young man who has lived here for six years and who dreams of a career in the army.

He sees it as a matter of making himself useful for his country. The woman that is, who killed his father and who gets no other visitors than him, three or four times a year, each visit lasting no more than fifteen minutes. The boy stares off into the distance while he talks about the drama that destroyed his family. He got along fine with my mother and my brother and I used to come home from school every weekend. We were a very happy family, believe me. When I ask my mother, she says that we should let the past rest.

Guoqu jiu guoqu ba. Let bygones be bygones. My mother had called the school, asking for us to come home straight away. Then the police came. They handcuffed her and dragged her along violently. That image still haunts me, after all these years it still numbs me.

Ten days later, my brother and I were allowed to visit her in the local district prison, where she was awaiting trial. Her body was covered in bruises and there were many burn wounds on her hands and arms. No wonder she had confessed to her so-called crime. He wanted her to confess to the murder at all cost. In the first year after the death of his father, Xiang lived with a relative. My brother ran away and later on I followed him. Finally, I got a place in this centre.

The kids have played and danced for hours on end. I made a card for her too, clumsily and artistically average, but sincere and well intentioned. All of a sudden, this strong-willed little girl of eight seems very fragile.

While the other girls are still saying goodbye, Guo Lin goes straight to bed and turns her head to the wall. In the hotel room, I get out the card. I think Auntie is super.

Ze is een vreemd soort beroemdheid, de Palestijnse Israëlische Rauda Morcos Toch sinds ze in dat interview heeft gegeven aan 's lands grootste krant, Yediot Acharonot 'Het laatste nieuws'.

Met haar foto, sigaret in de mond, als paginagrote opening van de weekendbijlage, en met als titel 'Palestijnse, feministische lesbienne'. Haar seksuele geaardheid kwam nochtans slechts in één paragraaf aan bod.

Maar het kwaad was geschied. Of heel Israël per se moest weten met wie ze het deed, wilde haar moeder prompt weten. Erger nog was dat ze meteen haar werk als lerares bij risicojongeren verloor, en dat zelfs de meest progressieve Israëlische feministische organisaties haar bij sollicitaties afwezen.

Eén jaar en drie maanden bij pa en ma intrekken was de enige optie. Want waar moet je zonder centen heen? Maar ook daar was de geoute lesbienne niet welkom. In de winkel weigerde men Rauda te bestellen, het dorpscafé van haar broer raakte tal van klanten kwijt en in restaurants hield men op met eten als ze binnenkwam. En dagelijks, ja dagelijks, werd haar auto gevandaliseerd.

Ze zouden voor lesbo's versleten kunnen worden. Of tenminste, zo lijkt het toch. Je groeit op met een welomschreven idee van wat er van je verwacht wordt.

Ik wist dat na de studies traditioneel het trouwen wachtte en de kinderen, maar dat idee stond me vreselijk tegen. Met mijn moeder heb ik het er vaak over gehad, dat dertig of vijftig jaar van je leven met dezelfde vent slijten me een marteling leek, maar zij deed dat oordeel af als van voorbijgaande aard. Je groeit wel op, meende ze. Vijf jaar met deze en dan de volgende, dat leek me wel wat, maar scheiden was in een anglicaanse gemeenschap als de onze niet meteen een optie.

Pas later werd ik me ervan bewust dat ik toen wellicht op de lerares Engels verliefd was, maar aangezien dat niet tot de mogelijkheden behoorde, drong het ook niet tot me door. Dat betekent niet dat ik geen vriendjes had. Jonge mannen als Jamal bijvoorbeeld, een advocaat met communistische ideeën. Hij verhuisde mee naar Tel Aviv toen ik er ging studeren. Mijd haar, zeiden ze nadrukkelijk, ze is lesbisch. Het was, geloof ik, de tweede keer dat ik dat woord hoorde en het was in mijn hoofd synoniem met 'afstotelijk, ongezond, onaanraakbaar.

Hij is het die me aan mijn eerste liefde voorstelde, de flatgenote van zijn vriendje. Gail was een Zuid-Afrikaanse en ze flirtte met me vanaf het ogenblik dat ze me zag. Ik vertelde aan mijn vriend dat ik het wilde proberen, eens zien hoe het gaat met een vrouw. Hij antwoordde dat mensen geen muizen zijn en dat hij niet in experimenten geloofde.

Ik moest doen, zei hij, wat ik voelde. Het was een klein zinnetje met grote gevolgen. Ik had immers nog nooit iets 'gevoeld', bij geen enkele mannenmond die ik had gekust. Doe maar, antwoordde ik, en in de seconden die volgden leerde ik wat aantrekking is. Ik was er ondersteboven van en wilde dat het eeuwig zou duren. Mijn vriendje heb ik toen meteen vaarwel gezegd. Eindelijk, zei hij, ik wist het al veel langer dan jij. We zijn nog altijd vrienden, echt. Ik vreesde dat ze me zou uitlachen, omwille van mijn eerdere reacties.

Maar ze was juist ontzettend blij voor me, verheugd dat ik mezelf had gevonden. Die reactie maakte het verschil: Ik wilde zoals iedereen zijn, dingen met ze delen, niet langer geheimen hebben. En ik moest af van dat eeuwige gezeur van de gemeenschap over trouwen. Ze wist dat ik met geen enkele Arabische man zou kunnen leven en ze zei dat ze mijn seksuele geaardheid al kende. Met haar praten was het moeilijkste, ik wilde immers haar goedkeuring.

Met mijn vader en mijn broer lag het anders: Dochters worden verondersteld na hun studies terug te keren of minstens te emigreren. Als ongehuwde vrouw alleen wonen in Tel Aviv daarentegen, was geen aanvaardbare optie. Ik trok me daar echter geen barst van aan. Alleen op de school waar ik werkte, hield ik mijn seksualiteit verborgen. Ze vonden me zo ook al een freak. Dat jaar vatte ook de tweede intifada aan na het bezoek van Sharon aan de Tempelberg en ik stelde me almaar dwingender de vraag waar ik thuishoorde.

Een Israëlische zou ik nooit worden, ik kon zelfs de gedachte niet meer verdragen dat mijn vriendin Joods was. Wie slaapt er nu met de vijand? Een Russische lesbienne heeft me toen geholpen.

Ik vond een Palestijns lesbisch koppel en via hen een e-maillijst van gelijkgezinden. Ik heb toen ook uiteindelijk de liefde van mijn leven ontmoet en heb samen met haar en enkele vriendinnen een groep gevormd. Die eerste keer, toen we in januari samenkwamen, praatten we negen uur aan een stuk. Het was als thuiskomen, grappen die niet uitgelegd hoefden te worden, een collectief geheugen dat niet verklaard moest worden. We schreven geschiedenis en we wisten het: Ik las er gedichten voor, het succes was enorm.

Literatuurtijdschriften wilden selecties publiceren en verslaggevers vroegen om interviews. Daar is die ongewilde outing van gekomen. Maar uiteindelijk genereerde dat drama ook een hechtere band met mijn vader en moeder. Ze gingen inzien dat een lesbische dochter geen schande is.

Ik ben geen dief, hoer of verslaafde. Maar juist trots op mezelf. Onder een loden hemel. Het valt niet te ontkennen: De slapende reus ontwaakte en haastte zich met zevenmijlslaarzen van Marx naar de markt. Traditionele hutongs kleine rijhuizen in steegjes groeiden uit tot blauwglazige flatgebouwen, boeren verruilden de akker voor de bouwput, maopakjes verkasten van het volkswarenhuis naar de rommelmarkt voor buitenlanders, en partij-ideologen reïncarneerden in computerspecialisten.

Instantwelvaart, ontstaan terwijl de wereld even niet keek. Maar in het halleluja over China's astronomische ontwikkeling staat men nauwelijks stil bij de prijs die 's lands rivieren, bomen, dieren en mensen daarvoor betalen.

Twee derde van de oppervlakte ging in de voorbije halve eeuw verloren aan bodemerosie en woestijnvorming. Mao Zedongs stompzinnige politieke campagnes sorteerden een ongeziene ecologische destructie, en de introductie van de markteconomie en het onbeschaamde grove geldgewin versnelden de rampspoed nog.

Worden de 1,3 miljard Chinezen steeds rijker, in milieutermen is de verarming dramatisch. Sinds de stichting van de Volksrepubliek in , zo becijferde de in ballingschap wonende schrijver Zheng Yi in zijn pas verschenen China's ecologische winter, is de totale biosfeer per capita teruggebracht tot een vijfde van daarvoor.

De ecologische schade vreet jaarlijks minstens 14 procent van het bnp weg. De gevolgen van de massale lucht- en watervervuiling zijn niet uitgebleven: Geef mensen grondrechten en ze nemen er de plichten, de zorg, graag bij. Veel minder, in zekere zin, dan het uitzicht vanuit een hotelkamer in Shenyang, de hoofdstad van de provincie Liaoning in Noordoost-China. In de jaren dertig vestigde de Japanse bezettingsmacht hier de eerste zware industrie van het land en twintig jaar later spendeerde Mao Zedong in deze regio het gros van het budget van zijn eerste industriële vijfjarenplan.

Shenyang belichaamde decennialang de socialistische zekerheid van eeuwige tewerkstelling, voortdurende en vooral immer exponentieel stijgende welvaart. En toen het Oosten nog rood was, waren groene gedachten uit den boze. Zorgen voor later, zeg maar.

Bovendien keerde het tij in de jaren tachtig en verschoof de aandacht van de Chinese leiders van het noordoosten naar het oosten. Shanghai moest de nieuwe industriële groeipool worden: Aldus torst het loodgrijze, zeven miljoen inwoners tellende Shenyang nu op wat officieel een heldere lentedag heet een verstikkende smogdeken waar de zon zich slechts moeilijk doorheen brandt. Maar, zo verzekeren de bewoners van de stad, de luchtkwaliteit is nog nooit zo goed geweest als nu.

Dat Shenyang bovenaan prijkt op de lijst van 's werelds meest vervuilde steden, daar zijn ze niet van op de hoogte, want de Chinese kranten maken weinig woorden vuil aan dergelijk slecht nieuws. Wat de Shenyangnezen wel weten, is dat de hemel is opgeklaard sinds het gros van de flatgebouwen vorig jaar van steenkool op aardgas overschakelde voor de verwarming, waarbij de honderden oude districtsboilers met hun lage, zwarte schoorstenen naar de industriële archeologie verwezen werden.

Een nog groter verschil, zij het dat velen er een bitterzoet gevoel bij hadden, maakte de sluiting in augustus van de bankroete Shenyang-hoogoven. Nu staat er nog nauwelijks een poot van die uit de periode van de Japanse bezetting daterende dinosaurus overeind. Het hek houdt wel stand, met inbegrip van een gepensioneerde bewaker voor een miezerig hokje.

Daarachter gapen de wonden van de afbraak. Grote hopen steengruis, verwrongen metalen platen met slogans aangaande veiligheid, efficiëntie en kwaliteit, alsook gestaag wegroestende karkassen van voertuigen, ontdaan van alle nog bruikbare elementen.

Aan de overkant van de straat vegeteren nog meer restanten van het socialistische paradijs. Een Volkscultuurpaleis met ingeslagen ruiten en achter bergen huisvuil het gesloten Volksziekenhuis, dat tot aan het einde van de vorige eeuw gratis medische zorg garandeerde voor alle werknemers. In de deuropening van een mistroostig grijs bouwsel aan de zijkant wenkt een tengere vrouw. Ze heet Liao, is drieënveertig en radeloos. Dat ze niet weet waar het goed voor kan zijn, begint ze, maar ze hoopt dat we naar haar verhaal willen luisteren.

De hoogoven zit bij Liao in de familie: We gaven onze jeugd en onze geestdrift aan dit bedrijf, en hoe werden we beloond?

Daarom moeten we wel hier blijven, in deze 15 vierkante meter grote 'flat' die al jaren aan herstelling toe is. Er is geen geld om een ander appartement te kopen, zelfs niet tegen een spotprijs.

Veroordeeld zijn we, samen met de ongeveer honderd anderen die hier zijn gebleven, in hoofdzaak bejaarden en alleenstaanden, mensen zonder enig perspectief. Zonder acceptabel toilet ook: De mannentoiletten zijn onbruikbaar geworden, de waszaal wordt elke zomer overrompeld door ongedierte en warm water is herleid tot een herinnering aan betere tijden.

Maar wie gelooft die onzin? Neem het van mij aan: Het vreet verschrikkelijk aan me. Wat moet er van onze zoon worden, die moderne technologieën wil studeren?

Zijn jaarlijkse schoolgeld bedraagt de helft van de totale ontslagpremie van mijn man. Ze hebben ons niet alleen ons leven maar ook onze toekomst ontnomen.

En de kaderleden van weleer, die eten nog altijd zeevruchten in de beste restaurants van de stad. Zij kopen nieuwe appartementen. Weet u dat alleen de duurste van die nu overal opduikende wolkenkrabbers goed verkopen?

Voor de rijken zijn het gouden tijden. Maar alleen voor hen. Dat we meteen moeten vertrekken, snauwt hij, het wordt te gevaarlijk. Als we geen aanstalten maken om op te stappen wordt hij nog kwader. Het valt niet te ontkennen dat de Chinese leiders er net zo over denken en verhalen als dat van Liao angstvallig uit de media houden. Haar lotgevallen zijn nochtans die van veel Chinezen anno Deze mensen behoorden destijds tot de meest geprivilegieerde klasse van het land, wat hen tot de allertrouwste supporters van China's Communistische Partij maakte, en met de herstructurering van de staatsbedrijven verloren ze in één klap alles.

Tot een flink jaar geleden lokte dat enorme arbeidsprotesten uit, vaak omdat de bedrijfsleiders bedenkelijke trucjes gebruikten. Zo verminderden ze een paar maanden voor het faillissement het loon van hun werknemers. Aangezien het laatste salaris de basis vormt voor de over een periode van twee jaar maandelijks uitbetaalde ontslagvergoeding, kregen de ontslagen werknemers daardoor aanzienlijk minder. Shenyang was in de late jaren negentig de woeligste stad van het land. Elke dag werden her en der kruispunten bezet, vatten bejaarden voor het partijgebouw post om hun rechten op te eisen en scandeerden ontevredenen letterlijk bedoelde socialistische slogans.

Dat de rust ondertussen is weergekeerd, weerspiegelt geen ware verbetering van de situatie maar illustreert het overheersende gevoel van 'mei banfa': Dat resulteert alleen in rake klappen, een rit richting politiekantoor en een vreselijke hoop heibel achteraf.

En zo houd je van die ontslagpremie uiteindelijk nog veel minder over. Gesteld dan dat ze niet mond- en zelfs letterlijk bijna dood waren. Al twintig maanden hadden de demonstranten het zonder maandelijkse ontslagpremie moeten doen, terwijl de wegens zijn gesjoemel alom gehate bedrijfsmanager nog altijd op grote voet leefde.

Hoewel de lokale partijsecretaris zei de grieven van de betogers te begrijpen, werd het viertal prompt als 'opruiers' gearresteerd. In december van vorig jaar werden twee van hen vrijgelaten, de anderen werden beschuldigd van 'poging tot oprichting van een illegale organisatie' en 'contact met buitenlandse journalisten', met negatieve berichtgeving tot gevolg.

Toen hun proces in januari begon, zakte de ene activist in het beklaagdenbankje ineen. Van de andere is bekend dat hij een beroerte had in de gevangenis en met ernstige hartproblemen kampt. Ondanks campagnes van Human Rights Watch en Amnesty International voor hun vrijlating mocht het duo zelfs geen familieleden ontvangen in de gevangenis.

Begin mei kwam de uitspraak: Hun advocaat was op hun proces niet eens aanwezig en de twee mannen kregen evenmin de kans zichzelf te verdedigen. Het enige positieve in de zaak is dat de manager en zijn trawanten evenmin aan het gerecht zijn ontsnapt. Een van de vroegere kaderleden kreeg dertien jaar cel wegens fraude, corruptie en aluminiumsmokkel, een andere zes jaar wegens verduistering van overheidsgeld en een derde vier jaar wegens medeplichtigheid.

Metershoge reclameborden, blanke vrouwen in beha. Veertigduizend standplaatsen telt dit oord, en je kunt er alles kopen, van nagelknippers over handtassen en kleren tot rugzakken en matrassen. Afdingen is geboden, maar de prijzen van deze vooral uit de oostelijke provincie Zhejiang afkomstige goederen zijn laag. Lokale producten zijn nauwelijks te vinden: De stad en zelfs de hele provincie staan bekend om hun bureaucratische muggenzifterij en hun laattijdige privatisering, waardoor weinig zakenlui de voorbije jaren zin hadden om er te investeren.

Opmerkelijker nog dan de selectie aan koopwaar zijn de mannen en vrouwen die ze verkopen. Werklozen uit de staatssector zouden wij hen noemen, maar in China uit dat fenomeen zich in een Babylonische spraakverwarring.

Men heeft het vooral over 'xiagang' het verlaten van zijn functie , maar ook over 'changqi fangjia' lange vakantie , 'tiqian tuixiu' vervroegd pensioen, voor niet eens veertigjarige vrouwen en mannen die jonger zijn dan vijftig of 'daiye' wachten op werk.

Je leest in de kranten dat de werkloosheid hier 3 procent bedraagt. Het grapje gaat dat ze gewoon het nulletje erbij vergaten. En misschien is het niet eens 30 maar zelfs 40 procent.

En de concurrentie wordt almaar groter. Zelfs de mingong boeren die van het platteland naar de stad trokken op zoek naar werk huren nu in groten getale standplaatsen, omdat ze elders in de stad niet meer aan de bak komen. Jonge mannen en vrouwen die hun dorpen verwisselden voor de talloze bouwwerven, en in het slechtste geval voor de straathoeken van de stad. Dat laatste houdt uren- en vaak zelfs dagenlang wachten in op een tijdelijke werkgever, met een bord om de nek dat hun nut aangeeft.

Aan de ingang van het Lu Xun-park staan er honderden. Koks, chauffeurs, elektriciens, schoonmaaksters en bejaardenverzorgers. Zelfs al hebben ze het erg moeilijk, zij willen geen gezichtsverlies lijden en herkend worden door hun buren of kennissen.

Deze lieden hebben cultuur noch trots. Ze zijn gewoon bang voor het harde werk op het land en pikken schaamteloos onze banen in. Men zou hen moeten repatriëren, maar dat gebeurt niet. U hebt het verhaal misschien gelezen over die mingong-voorman in Guangdong die ermee dreigde van een wolkenkrabber te springen als hij en zijn mensen hun al maanden niet meer betaalde loon niet ontvingen. Dat gebeurt ook hier, en het probleem is dat je meestal geen kant op kunt.

Op de politie hoef je niet te rekenen, die maakt je alleen het leven zuur, en verwacht vooral geen sympathie van de stedelingen, wier arrogantie en meerderwaardigheidsgevoel vreemd genoeg niet worden aangevreten door hun lege beurzen. Ach, het leven van ons, boeren, is altijd al bitter eten geweest.

Uit een recent nationaal onderzoek dat door het persbureau Nieuw China werd gepubliceerd blijkt dat driekwart van deze 'gastarbeiders' problemen heeft met de betaling van hun loon en dat niet meer dan een op de vier mingong enig heil ziet in het aankloppen bij de overheid. Shenyang heeft immers nog enige slagkracht: Een economisch bedreigde stad evenwel: Meneer Lu, die ons aan het station opwacht na een ronduit troosteloze treinrit van een uur, windt er nu al weinig doekjes om: Ten tijde van voorzitter Mao zijn er een paar fouten gemaakt, dat heeft men later ook toegegeven, maar het volk had werk en eten.

In een socialistisch systeem gaan fabrieken niet dicht en zitten moeders en vaders niet met de handen in het haar over hoe het morgen met hun kinderen verder moet. De officiële versie luidt dat de omschakeling naar de markt offers vraagt, maar wie nemen ze in de maling, denkt u?

Maar hij weet het ook zo wel. Het komt immers neer op een eenpartijstaat waarin de burger dom wordt gehouden en geen recht heeft op een mening. De partij doet maar en weet zich ongestraft. In andere landen zouden ze allang weggestemd zijn. Wie houdt nu individuen aan de macht die louter aan hun eigen beurs en belangen denken en geen tegenspraak dulden?

Als we wantoestanden ongestraft zouden kunnen aanklagen, zou de situatie meestal niet dermate uit de hand lopen. Deze bureauchef Noordoost-China voor de pro-Chinese Hongkong-krant Wen Wei Po werd in december gearresteerd na de publicatie van verschillende verhalen over corruptie aan de top.

Hij was het die het schandaal uitbracht over de gewezen - en onderhand geëxecuteerde - vice-burgemeester van Shenyang, die voor 30 miljoen yuan aan overheidsgeld vergokte in de Macause casino's. Jian nagelde ook de vice-burgemeester van Daqing aan de schandpaal, die op kosten van het volk achtentwintig maîtresses van huizen en auto's voorzag. Maar toen hij de vuile was buitenhing over de ex-burgemeester van Dalian, die inmiddels gouverneur is geworden van die provincie, ging het mis.

Volgens Jian hield Bo Xilai corrupte verwanten en vrienden een hand boven het hoofd. Maar een dergelijke portrettering van een rijzende ster als deze kon de Partij schijnbaar niet gebruiken en dus werd Jian in september tot negen jaar cel veroordeeld wegens subversie en het lekken van staatsgeheimen.

Geen enkele Chinese krant heeft over Jians tragische lot bericht en toch weet meneer Lu ervan. In een nieuwsarm land als het onze heeft iedereen zo zijn kanalen", zegt hij. Meneer Lu toert met ons langs Fushuns talloze trouble spots. De Donghu en de Xihu, open steenkoolmijnen waar mingong voor een hongerloon cokes bijeenzeven, de plaatselijke vuilnisbelt, waar bejaarden overleven door het verzamelen van flessen, metaal en nog eetbare stukken groenten en fruit. Of laat ik het anders zeggen: Sommigen zullen je vertellen dat het een kwestie is van mentaliteit.

Ik was onlangs in Peking op familiebezoek, waar ik te horen kreeg dat wij noordoosterlingen niet voldoende initiatief nemen. De tijden van de gegarandeerde welvaart der luieriken zijn voorbij, zei men daar. Een paar jaar geleden werden hier gelijkaardige overheidscampagnes georganiseerd. Versterk het eigen initiatief, leer je eigen boontjes doppen, daar kwam het op neer. Maar u mag mij vertellen hoe we dat zouden moeten aanpakken. Het gros van de mensen heeft centen noch vooruitzichten, het is eindeloos schrapen om rond te komen.

En dan zwijgen we nog over de slechte lucht hier, en de zwakke gezondheid van zovelen. Noemt u dat een mentaliteitsprobleem? De ter ziele gegane industrieën van Fushun hebben ontegensprekelijk een nefaste invloed op de gezondheid van de bevolking.

Volgens een studie over luchtvervuiling van professor Xu Zhaoyi van het Liaoning Centrum voor Ziektepreventie en -controle zijn er in Fushun jaarlijks 2. Per jaar worden 3. Een andere, door buitenlandse consultants uitgevoerde studie wijst uit dat in Fushun dagelijks 19 kilo cyanide, 17 kilo zware metalen en 19 ton olie in de rivieren terechtkomen, met een zware vervuiling van het - overigens steeds verder zakkende - grondwater tot gevolg.

Van de iets meer dan twee miljoen inwoners van de stad en haar randgemeenten zijn zo'n De watervervuiling, aldus datzelfde rapport, zorgt voor een landbouwproductiedaling van minstens 10 procent. Zeker even zorgwekkend is het feit dat meer dan een derde van alle akkers rond Fushun geïrrigeerd wordt met vervuild water, wat een verdubbeling veroorzaakt van het aantal kankergevallen en van het aantal baby's met misvormingen.

Maar ondertussen ploegt de boer voort. De jongste jaren is het gebruik van chemische meststoffen verdubbeld. Als niet wordt opgetreden zullen veel boeren hun waardeloze, overgepollueerde gronden verlaten en zal een soort van ecologische vluchtelingen ontstaan.

Reis naar de Benxi, de 'chemiehoofdstad van China', die van een dergelijke luchtvervuiling te lijden heeft dat je ze volgens astronauten vanuit de ruimte kunt zien. Sla de beroemde Watergrotten over en haast je naar Bengang-Benxi Staal. Stank, stof, grauwe rookpluimen en spoorwegen. Immense industrieterreinen ook, vrouwen op fietsen met doorschijnende sjaals voor hun gezichten en mannen die lummelen en hardcore porno-dvd's keuren.

Mevrouw Lu en Mevrouw Yi, twee dertigers die in de eerste reorganisatieronde van dit gigantische staatsbedrijf uitvielen, baten een restaurant uit aan de grote toegangspoort van Bengang.

Hun etablissement is zonder meer strategisch gelegen, maar toch is het aantal klanten beperkt. Zo gaat het overal: De boodschap wordt goed ingekleed. Het begint met een verlengd zwangerschapsverlof. Of spreken je moedergevoelens niet? Hard werk voor steeds minder. Iedereen moet de broekriem aanhalen.

Een kom noedels na het werk, dat kunnen de meesten zich nog wel permitteren, maar daar worden we niet rijk van. Maar goed, voorlopig heeft Bengang tenminste nog genade voor onze echtgenoten. Daardoor kunnen we in onze flats blijven wonen en vormen doktersbezoeken en schoolinschrijvingen geen grote problemen.

De lucht is hier erg slecht, weet je, kijk maar naar onze huid. Ik ben ervan overtuigd dat we hier twee keer zo snel oud worden. Zelfs die nieuwe, dure crèmes uit de supermarkt helpen geen zier. In het hele Liaorivier-bassin, dat de regio doorkruist, is de situatie dramatisch.

Alle rivieren vallen in het door de Chinese overheid uitgedokterde classificatiesysteem dat overigens minder streng is dan de normering van de Wereldgezondheidsorganisatie in klasse vijf: Maar wie maalt daarom? Hoewel de eerste milieuwet in China dateert uit duurde het tot aan de dramatische overstromingen van de Yangtze in waarbij 3. Ook de problemen in Liaozhong zijn al enige tijd bekend. Een Australische organisatie lanceerde eind jaren tachtig al een saneringsprogramma, maar haar aanbevelingen werden niet erg snel uitgevoerd.

In het negende vijfjarenplan gaf de Chinese regering voor het eerst toe dat 4, miljoen mensen in Liaoning ondiep, vervuild grondwater als drinkwater hebben en dat het hele Liaorivier-bassin dringende aandacht nodig heeft 'wegens zeer gepollueerd'. Maar de economische consequenties daarvan en vooral het feit dat de legitimiteit van de macht van de Partij precies gestoeld is op ongebreidelde economische vooruitgang maken het treffen van harde maatregelen moeilijk.

Aan de groene gedachten van modale Chinezen hoeft men nochtans al vijf jaar niet meer te twijfelen. Een nationaal onderzoek in wees uit dat niet minder dan 57 procent van de bevolking de milieuproblemen 'heel ernstig' vond. Tegelijk meende 86 procent van de ondervraagden dat ze daar zelf niets aan konden doen en dat de oorzaak bovenal lag in het niet uitvoeren van de bestaande wetten. Meneer Smith, die als buitenlandse consultant meewerkt aan een saneringsprogramma, is het daar grotendeels mee eens.

Alleen pakt het vaak anders uit. Alle provincies en ook alle steden hebben hun eigen Milieubeschermingsbureaus, compleet met info- en klachtenlijnen waar burgers terechtkunnen. De milieuambtenaren horen grote vervuilers te beboeten, maar dat blijkt problematisch.

Zo onderhouden de meeste bedrijfsleiders nauwe banden met de plaatselijke overheden, die hen een hand boven het hoofd houden. Bovendien zijn die overheden wettelijk verplicht om de schulden in termen van ontslagvergoedingen en dies meer van failliete overheidsbedrijven aan hun personeel over te nemen, tot die werknemers ander werk hebben gevonden. Bijgevolg wordt voor een vervuilend bedrijf dat nieuwe werkgelegenheid schept graag een oogje dichtgeknepen.

De maatregelen die ze nemen, zijn louter bedoeld om het Milieubeschermingsbureau tevreden te stellen. Zo bezochten we in Anshan enige tijd geleden een aluminiumsmelterij, waar de werknemers de hele dag giftige dampen inademden.

Ik wees de baas op de enorme gezondheidsrisico's daarvan. Ze verplichten grote bedrijven tot de bouw van afvalverwerkingsinstallaties, die dan door 'vrienden' van hen worden ontworpen maar niet blijken te werken. Daar malen bedrijfsleider noch ambtenaar om: Als ik mensen aan het verstand probeer te brengen dat ze over tien jaar in een woestijn zullen leven als ze de huidige waterverspilling en -vervuiling aanhouden, dan maakt dat geen indruk.

Ik geloof dat dat met China's recente turbulente geschiedenis te maken heeft. Wie de vele campagnes en de Culturele Revolutie '76 heeft meegemaakt weet dat alles prompt kan veranderen en dat deugdzaamheid vaak niet wordt beloond. Daardoor ontstaat een 'après nous le déluge'-mentaliteit. Angstaanjagend, voor een land met 1,3 miljard mensen. Terwijl alle andere Moskouse journalisten die het conflict in Tsjetsjenië coveren, louter verhalen brengen over de strijd tegen de terreur en de heldendaden van de eigen soldaten, schrijft Anna Politkovskaja over de misère van de Tsjetsjeense burgers.

Het Russische leger mishandelde en verkrachtte deze 'volksvijand', maar zelfs de doodsbedreigingen aan haar adres konden haar de mond niet snoeren. Ze bekroonden de jarige Russische journaliste de voorbije jaren al met verschillende prijzen. Een moeder die nooit thuis is en die veel te veel risico's neemt, dat zeggen haar zoon 24 en dochter 20 over Anna Politkovskaja.

En voor de Tsjetsjenen, wier oorlog ze als een der zeldzame Russen eerlijk versloeg, is ze zowat de enige integere journaliste die Moskou rijk is.

Geen wonder dat in oktober vorig jaar de gijzelnemers in het Moskouse theater op haar een beroep deden om te onderhandelen met de overheid. Veel haalden die onderhandelingen niet uit, en de schok die het gebruik van chemische wapens tegen de gijzelaars teweegbracht, haalde Politkovskaja een maand uit evenwicht. Ze had de voorbije jaren nochtans genoeg gezien: Gespaard was ze zelf ook niet gebleven: En toch, zo vertelde ze deze week op uitnodiging van het Europese Parlement in Brussel, wil ze niet ophouden.

Eerst moet er vrede zijn, zegt ze. We hebben dit alleen in het Stalin-tijdperk meegemaakt: Geen melding van overlijden, geen lijk, geen graf.

Zoveel verdwijningen, en geen gerechtigheid.

Biman zoekt biman mooie dikke tieten